Rotterdam notariele akten 1599-1622
[http://www.gemeentearchief.rotterdam.nl/]

NOTARIS ROTTERDAM

- (13-3-1599) Pyeter Michyelss, ca. 20 jaar, botteliersmaat
Anthonis Aernoutsz, koopman, Vlissingen
Lucas Jaspersz, kapitein
Aernout Jansz, schipper, Dordrecht
over schade aan het schip van A. Aernouts
Nieuwpoort

- (25-3-1599) Guillam van Naerssen, van Dordrecht wonend in Monros in Schotland
Ghijsbrecht Henricxz
Claes Bartholomeesz
Anthoni de Planckes zoon van Anneken Stevensdr
Swarte Leeu
inzake contract om o.a. 1mineralen naar Schotland te sturen, hetgeen niet is nagekomen

- (28-7-1599) Inhoud
Cornelis Gerritsz
Lijsbet Fransdr, geboren te Antwerpen
timmerman geboren te Dordrecht, nu in de Lombardstraat
Lenert Gerritsz - Pyeter Gerritsz - Jacop Fransz - Frans Fransz

- (16-4-1601) Jan Gerritsz 46jr, Zevenhuysen
Gysbert Gherritsz 33jr, Zevenhuysen
Witte Lelie
Brouwerij
Dordrecht
betreft de prijs van in Dordrecht gekocht 1bier

- (14-5-1601) Janneken Fransdr j.d. geboren te Ghent wonende te Enckhuysen
Cornelis Pietersz 33jr soldaet Dordrecht
Janneken Pietersdr 43jr
Dammus Verloo capitein Lieven Fransz soldaat
Ghent - Sorrels, St.Thome - verklaring van overlijden van Lieven Fransz op zee 32

- (10/02/1626) Willem Jans verkoopt aan Dirck Adriaens te Dordrecht een cromstevenschuit van 3 lasten met toebehoren voor de prijs van 287 gulden. Tot borg stelt zich Adriaen Jans te Dordrecht. Getekend in 't kantoor naast het stadhuis tegenover de Waech.

- (2-6-1627) Leendert Pleuniss, marctschipper op Heenvliet, verkoopt aan Ary Jacobss Pap, schipper, wonende te Dordrecht, zijn schuyt van 8 lasten met al het toebehoren voor 156 car. gulden.

- (3-3-1628) Leendert Arienss den Brouwenaer, schipper, verkoopt aan Aryen Aryenss, wonende te Dordrecht, een cromstevenschuitgen, groot 3Ĺ last met al het toebehoren voor 350 gulden. De koper tekent met Arent Aerenssen.

- (11-1-1601) Simon Reynkens, schipper, Emden
Wouter Henricxz 31jr, schipper, Dordrecht
Hieltgen Douwis 41jr, Staveren
Boyer, Verklaring over lading 1wijn en haring van een schip

- (14-12-1601) Coenraet Jansz Halling, Nieuwleckerlant
Frans van Bonckelwaert, pachter van de zoutimpost van Dordrecht
Rochus Jansz, pachter van de zoutimpost van Dordrecht

Op verzoek van de pachters van de impost op 't zout van Delft en Rotterdam wordt verklaard dat de pachters van
Dordrecht bij hem zoutkasten hebben doen maken, waaruit zij zout hebben verkocht aan de huisluiden.

- (22-12-1601) Op verzoek van Lambrecht Claesz, pachter van zout
wordt een verklaring afgelegd door IJsbrant Ariensz Jongsten 56 jr.
Cornelis Heyndricxz, collecteur van de zoutimpost
Verklaring dat het de inwoners van de dorpen verboden was hun zout in Rotterdam te kopen, maar dat ze het moesten
kopen uit de in hun dorpen door de pachters van Gouda en Dordrecht geplaatste zoutkasten.

- (26-12-1601) Jan Monda alias Jan Mon, afkomstig van Dordrecht, backer
Samuel Heyndricxz, backer
Doelwech - Wijngaert - Doelwech

- (19-1-1602) Matheus Lambrechtsz 23jr, Dordrecht
Dammis Verloo, capitein
Jan Arpers of Jan Harpers
betreft overlijden van Jan Arpers of Harpers op de St.Thomeesche vloot

- (12-2-1602) Op verzoek van Cornelis Heyndricxz
wordt een verklaring afgelegd door Simon Cornelisz Buys 44jr. , Dordrecht
Cornelis Jacobsz , pachter van 't zout, Dordrecht

Jan Pieck, Marktvelt
Willem Heyndricx, Dordrecht
Frans van Bonckelwaert, impostpachter, Dordrecht
Harman Jenefaes, impostpachter, Dordrecht
Jan Jaspersz, impostpachter, Dordrecht
Rogier Crijnen, impostpachter, Dordrecht
Bastiaen Crijnen, impostpachter, Dordrecht

Verklaring van de verkoop van de pacht van de impost op het 1zout.

- (13-7-1602) Op verzoek van Adrien Cornelisz, Wijncoper, Amsterdam
wordt een verklaring afgelegd door
Jan Rutten 52jr, wijnverlater
Jacob Cornelisz Akersloot, pachter van de impost op wijn, Dordrecht,
Verklaring inzake de betaling van impost op 1wijn die van of naar andere steden gaat

- (12-8-1602) Cornelis Huybrechtsz, Dordrecht
verhuurt zich voor een jaar aan Jacob Sachariasz, haeckmaker
Hans Barterams
Dordrecht

- (19-1-1603) Cornelis Jacobsz van Antwerpen, Dordrecht
Hubrecht Barentsz, soutvercoper
IJsbrant Jongsten, soutvercoper
Adriaen Fransz, soutvercoper
Pieter Jacobsz, soutvercoper
Arien Ewoutsz, soutverkoper
Belofte van vergoeden van eventuele schade als gevolg van een afgelegde verklaring

- (6-3-1603) Willem Lodewijksz Couwijn
Jacob Fransz de Rijck
Jan Screvelsz, Dordrecht
Pauwels Adriaensz, backer, Dordrecht

Cornelis Aertsz, makelaer
Andries Vervoost
Mariken Jansdr overleden dochter van
Adriaenken Cornelisdr overl. St. Jacobs Gasthuis, Dordrecht
Betr opdracht om een gedeelte van een huis over te dragen

- (13-7-1602) Op verzoek van Adriaen Cornelisz, grossier van wijnen
Amsterdam wordt een verklaring afgelegd door
Jaques Keyser van Bollant 56jr
Johan Clementsz van Goor 50jr
Gillis van den Luffel de Jonge 28jr
Dordrecht
Verklaring inzake de betaling van impost voor 1wijnen

- (29-9-1603) Guillame de Biecht, coopman, Dordrecht
contra
Claes Jacobsz Wael, schipper
Gulde Valck, coopvaerdyeboot
Claes Jacobs Wael, van Dordrecht naar Canarien
Het gecharterde schip is niet op de overeengekomen datum verschenen om lading in te nemen.

- (27-10-1603) Weyt, capitein van een Engelse compagnie voetvolk
Joos Mesmaker
Mayke Thijsdr, waerd en waerdinne in de Swarte Cloeke
Thomas Tamsz, luietenant
Rutger Drieu, schrijver
den Haag Willemstat Dordrecht
verklaring dat twee officieren met de soldij naar de leger plaats zijn vertrokken

- (12-11-1603) Jan Simonsz, Dordrecht
Steven Jansz, camerbewaarder
Jan Walen, bode ter Admiraliteit
Jan Jansz, luietenant van Cranendonck
geweldige
Fransois Aernoutsz
Princehoff
Betreft een twist

- (1-4-1604) Jan Pijck, out pachter van het gemael
Jan Jaspersz Dominckx, toekomend pachter van het gemaal, Dordrecht
inaanwezighied van
Mathijs Claes van der Horst, schepen
Cornelis Vroesen de Jonge, schepen
peilen de voorraden bij de nagenoemde bakkers
Jochim Jansz
Gijsbert Hubertsz
NN den Otter17
NN Sint Obert, Jan Gerritsz, Maertgen Lenertsdr, Barber Stoffelsdr, Peter Jansz, Willem Vrancken,
Aert Evertsz, Domis Jansz, Heyndrick Maetsz, Trijntgen Claesdr, Abraham Petersz, Jan Evertsz, Michiel Frederickz, Peter Jansz, Job Jansz, Hans Laurensz, Heyndrick Crijnsz, Claes Sandersz, Lucas Jochimsz, NN van Sanen, NN Fonteyn, Simon Fredericxz, Peter Claesz, Bartholomeus Jansz, Arien Jansz, Adriaen van de Basel, Jan Harmans, Duem Alewijnsz, Peter Simons, Heyndrick Harmansz, Jan Ariensz, Heyndrick van den Bos, Heyndrick Ravensteyn, Govert Matijsz, Leendert Isaacqsz, Jacob Cornelisz, Sibert Bouwensz
Jan Barentsz, Huych Ariensz, Vranck Cornelisz, Michiel Fransz, Willem Heyndricxz, Swaentge Jacobsdr, Aelbert Gerritsz, Cornelis Heyndricxz, Denijs Harmansxz, Jacques de Hoeck, Meeus Martsz, Annetgen Meeusdr, Jan Govertsz, Jan Monda, Gijsbert Damen, Michiel Michielsz, Evert Jansz, Pleun Dircxz, Arien Dircxz, Willem Dircxz, Joris Jansz
Aelbert Jorisz, Hubert Ariensz zijn weduwe Cornelis Tunisz, Tijs Jansz, Lenert Gerritsz
allen bakker

- (1-9-1604) Inhoud
Andries Walen, Dordrecht
Jan Jacobsz, bosschieter
Marten Hueriblock, capiteynsknecht
Claes Jansz, schipper
Peter Claes Rockasz, schipper
Berckel - capiteyn - Oost-Indie
Betreft het overlijden van Adriaen Walen in Bantam op 't Eylant van Java Mayor

- (10-9-1604) Cornelis Gerrebrants, bootsgezel, St Banckeras bij Alckmaer
Jan Jansz, luietenant van de geweldige Cranendonck
Claes Jansz, schipper
Jaques l Hermite, Cranendonck geweldige
Betreft de erfenissen van Marinus Claesz Dordrecht en Aert van Dichteren Culemburch

- (15-10-1604) Guiellame Dubiecht,coopman, Dordrecht
Tunis Petersz Visscher, schipper
Visscher, de 70 lasten
Tunis Petersz visscher
van Rotterdam naar Port a Port in Portugael en terug.
Betreft een reis met coopmansgoederen naar Portugal en terug

- (22-12-1604) Dirck Gerritsz Verburch
Jan Jacobsz van Locren
Peter Vinck
Cornelis Heyndricxz
Joris Jansz
Arent Jacobsz Steen
Jan Tijsz
Evert Molenaer
Heyndrick Petersz, rijsdremmelaer
Oosteynde Dordrecht / betreft de deklaratie van onkosten

- (4-1-1605) Jan Govertsz van Beemont alias Jan Govertsz van Beaumont, Dordrecht
Jacob Winter
Dirck Dircxz
stierman
Betreft het innen van een schuld

- (4-1-1605) Jan Govertsz van Beemont, Dordrecht
Jacob Winter
Dirck Dircxz
stierman
Betreft de betaling van een schuld

- (2-3-1605) Hubrecht Jansz, Gorcum
zijn neven Willem Aertsz van Dijck, Gorcum
Willem Aelst, Gorcum
zijn nicht Mayken Jansdr, Gorcum
Aeffken Willemsdr j.d. te Gorcum geboren
haar oom, Willem van Liesvelt, Dordt
haar behuwd oom Hillebrant Ariensz ten Briele

- (5-4-1605) Anthonis Harmansz, cocxmaet
Claes Willemsz 42 jr
Cornelis Harmansz 32 jr, Dordrecht
Gleyn Christiaensz, quartiermeester
Marinus Jansz, chirurgijn, Nimmegen
Marten Martens, capiteyn
Betreft de doodsoorzaak van de kwartiermeester

- (27-5-1605) Peter Cornelisz, schipper, Dordrecht
Claes Harmansz 24 jr, Maestricht
Jacob Petersz 24 jr
Rijck Tunisz Bel 22 jr
Peter Anthonisz 22 jr, 's-Hartogenbosch
Arien Henrickz 24 jr
Henrick Maertsz 20 jr
Floris Adriaensz 23, Charlois
alle bootsgezellen
Gijsbrecht Engels, 24 jr, Logier
capiteyn van een galei Esperance,l'   /    Lam,'t
Peter Cornelisz
Peter Cornelisz
West-Indien naar Dordrecht
Vlaemsche Eilanden Ritseel Sluys St.Dominge Betreft de verklaringen van de bemanning van een veroverde spaanse schip.

- (14-9-1605) Jacob Mathijsz weduwnaer en boedelhouder van Duyfgen Baltensdr, metselaer
Jacob Willemsz, timmerman, Dordrecht
Cuniertgen Willemsdr
Jan Willemsz, timmerman
Willem Willemsz Moorthout man van Hillegont Baltensdr
Willem Jansz, Utrecht
Cuiniera Jansdr, Utrecht
Jan Baltensz
Peter Ghijsbertsz, timmerman, Schoonhoven
Floris Baltensz, Duynkecke
Balten Baltens
Anneken Baltens
Testament gepasseerd bij Herrit Jansz van Woerden den 13.6.1596

- (20-9-1605) Jan Gerritsz, Groeningen
Bastiaen Arien Willemsz 56 jr
Hubrecht Ariensz de Wit 31 jr
Cornelis Manternach, coopman, Dordrecht
Hohenlo, graaf van
Betreft de verkoop van twee 1paarden

- (1-11-1605) IJsbrant Petersz, capiteyn
Marcelis Mathysz, oppertrompetter, Weenen in Oostenrijk
Vincent Fransz, trompetter, Dordrecht
Peter Gerritsz, bottelier, Frijborch
Christiaen Petersz, schieman, Oxfort
Don Rodrigo de Cordua
Portugees Bark
Gomero Teneriffe
Betreft het niet meer terugnemen aan boord na plundering van een bevriend schip.

- (29-12-1605) Jacob Petersz de Wael, schipper
Ewout Cornelisz 39 jr, schipper
Laurens Lambrechtsz 37 jr, schipper
Betreft schade aan een crabschuyt door aanvaring voor Dord

- (31-12-1605) Govert Cornelisz Menheer, out overman
Joris Paulusz, out hooftman van het schippersgilde
Claes Fransz, zeylmaker
Arien Ariensz Aryman
Jacob Petersz de Wael, schipper
Taxatie van de schade aan een Crabschuyt opgelopen door aanvaringen voor de stad Dordrecht

- (5-1-1606) Jan Gerritsz Granaetappel, schipper van een Rontcarveel
Jorisz Willemsz, 36 jr, zeeman
Willem Cornelisz, 30 jr, zeeman
Broch, colonel
een Rontcarveel heeft na vertrek uit Vlaanderen in het Joncker Fransz Ghat en bij Dordrecht veel schade opgelopen.

- (7-1-1606) Govert Cornelisz Menheer, out-overman
Joris Paulusz, oud-hooftman van 't schippersgilde
Claes Fransz, zeylmaker
Arien Ariensz Aryman
Jan Gerritsz Granaetappel
betreft taxatie van de schade aan een Rontcarveel opgelopen in het Joncker Fransz Ghat en bij
Dordrecht Schippersgilde


- (17-3-1606) Dammis Jansz, havenmeester en herbergier
Quirijn Cornelisz (van) Cleyborch 38 jr.
Matheus Jans 40 jr., zeilmaker
Arien Gerritsz Hoogheveen, brouwer, Dordrecht
Claes Hartman
Erasmus
Haringvliet
Betreft verkoop van het 1Drijfftuijch van een Buysschip

- (25-4-1606) de erfgenamen van: Lysbeth Cornelisdr vrouw van Jacob Govertsz, beiden overleden te Dordrecht
zijn de kinderen van haar overleden broer Adriaen Cornelisz:
namelijk Arent Ariensz, blockmaker
Bartholomeus Maertsz de Haes man van Aeltgen Adriaensdr
Jacob Adriaensz, backer
machtigen
Harman Spiegel, secretaris te Dordrecht
machtiging tot waarneming van zaken bij boedelscheiding

- (11-8-1606) Olivier Jacobsz van der Velden machtigt zijn vrouw Maria Jaspersdr
Neeltgen Bastiaens haar grootmoeder, Dordrecht
Machtiging tot waarneming van zaken in verband met erfenis.

- (27-9-1606) Jan Maynaert, Diepen, Vranckrijck
Jan Govertsz, Dordrecht
Dirck Jansz
Jan Matheusz
Jacob Dircx, schipper
Abraham Duyffhuysen, roededrager
Jan Kaerle, waert in De Toelast
Dirck Jansz, zeylmaker
De Valck
Coopvaerdijebootgen, 25 lasten
betreft ontslag uit dienstverband wegens annulering van een reis naar Canarien

- (8-2-1607) Willem Jans 50 jaar, arbeider
Jan Henricxz 40 jaar, arbeider
gilde van de smalschepen    /    1zout, 200 browaets
Govert Ariens Thoen, Dordrecht
Jan Ariens 't Lam
Jan Jans Schut
Jan Jans Schot
Betreft lading zout ingenomen te Armuyen.

- (23-3-1607) Pool Dammisz, 33 jaar, smalschipper
Kacob Claesz, 28 jaar, smalschipper
smalschippersgilde
Jan Jansz Schot, rondschipper
Jan Ariensz 't Lam, rondschipper
Jan Granaetappel, rondschipper
Henrick Joppen, rondschipper
Jan Sempel, rondschipper
Arien Michielsz, rondschipper
Grilleman, rondschipper
Arien Simonsz, rondschipper
IJzendijke, Dordrecht, Arnhem, Doesburg
smalcarveel, rondschip, smalschip, sammerues,
schietschuit, kaag
Jan Cornelisz Samson
IJssel, Rijn
betreft vervoer van soldaten naar Gelderland; enkele schippers zijn halverwege teruggekeerd

- (27-3-1607) Cornelis Henricxz Schellinger, 53 jaar, smalschipper
Aert Cornelisz, 30 jaar, smalschipper
smalschippersgilde
Paulus Jansz, veerschipper van Middelburg op Rotterdam
Gillis Gijsbrechts, convoyer in het veer van Middelburg, Dordrecht
Betreft verdeling van de lading tussen veerschippers van Middelburg op Dordrecht en Rotterdam

- (22-5-1607) Aeltgen Ariensdr vrouw van Jeronimus Aertsz, waert in de Rustwat
Bastiaen Arien Willemsz, 58 jaar, buiten de Goudse Poort
Dammis Cornelisz 28 jr, buiten de Goudse Poort
Arien Petersz, wielmaker
Pleun Cornelisz, Honingen
Valk, de
brouwerij
Dordrecht
betreft betaling van impost op 1bier

- (31-5-1607) Henrick Styens, engelsman, soldaet onder Cornel Veer, Dordrecht,
Robbert Jansz 32 jr., waert in 't Waepen van Utrecht, Koestraet
Matheus Jansz 42 jr., zeylmaker
Baerthout van Vlooswijck, oud-burgemeester van Rotterdam
Maes Maertsz de Haes, coopman
Waepen van Utrecht
Koestraet
Borse

- (27-7-1607) Lodewijk Meyer, Lubeck
Jaques Gleyns d Hooghe
Gijsbert Cornelisz Peepstock alias Peeckstock, 24 jr, constapelsmaat
Jan Corneliss Speelman, 21 jaar, hoogbootsman, Vlaardingen
Peter Cornelisz Speelman, schipper
Paulus Anthonisz, schipper, Dordrecht
Jacob Stein, schipper, Lubeck
Capo Verdo, eiland, Zouawle, St. Thome, Lisbo / betreft verovering van een schip uit Lubeck geladen met 1suiker

- (8-8-1607) Peter Corssen Hoet, alias Peter Corssen Hort, man van Baertgen Jansdr, capiteyn
zij benoemen tot voogden zijn broer Cornelis Corneliss, Dordrecht
Sacharias Tuenisz Block, Dordrecht
Cornelis Corneliss de Vlom, Dordrecht


- (4-10-1607) Peter Corssen Hort, man van Baertgen Jansdr, capitein
Cornelis Corneliss den Vlom, Dordrecht
Sacharias Tunisz Block, Dordrecht
Cornelis Corneliss, Dordrecht

mutueel testament

- (30-10-1607) Christiaen van der Heyden
Janneke Davidsdr, 43 jaar, vrouw van Antony Jans, cleermaker
Arien Jansz, zoon van Jan Simonsz, veerschipper op Dordrecht
Stathuys / Hoochstraet

- (17-12-1607) Jan Ariens Blanckert
Herry Lindsey, Engelsman, 30 jaar
Beatrix Jansdr, gehuwd met Willem van Helmont
Morren  /  capitein
Ierland, Dordrecht, Delft  /  betreft onschuld aan bigamie

- (6-2-1608) Dirck Cornelisz in de Nieuwe - Herberg aan de IJssel
verhuurt een huis aan Jan de Wijs, in de Cleyne Kaetsbaen, Dordrecht
voor zijn zoon Cornelis Jansz de Wijs
Betreft de verhuur van een huis aan de Goutsewagenstraat genaamd de Sleede

- (29-3-1608) Cornelis Verhoeven, aannemer
Jacob Tunis, aannemer
Claes Gommersz, aannemer
mede namens
Frans Fransz, aannemer
Hubert Das, aannemer
verkopen een vordering op het land aan Thomas Dammisz, Dordrecht
Pieter Doublet, ontvanger
Betreft vordering wegens het maken van 17 redouten langs de Wael

- (5-7-1608) Jan Jansz de Haen, pottebakker, Dordrecht
Tunis Jansz 53 jr, pottebakker
Cornelis Jansz 41 jr, pottebakker
Dirck Willemsz 40 jr, pottebakker
Joost Henricxs 39 jr, pottebakker
betreft impost op grove waren / Coelswit en Schotsoor

- (22-8-1608) Thomas Dammisz, coopman, Dordrecht
Jacob Tunisz
Cornelis Verhoeven
Dirck Ariensz
Claes Gommersz
Frans Fransz
Arien Jansz Balckenende
afrekening van de verdeling van een geld bedrag

- (31-8-1608) Janneken Hillebrants vrouw van Jasper Leendersz, Haarlem
Crijn Cornelisz Overschot 53 jr., stierman, Vlissingen
Cornelis Jacobsz alias Bestevaer, schipper van een rontcarveel, Dordrecht
Beyerland
Rontcarveel met een stenge
Cornelis Jacobsz alias Bestevaer, Londen
Betreft bevrachting en lossing van drie bundels 1Coussens drie lappen 1lakenswaren twee lappen baije

- (8-10-1608) Dirckgen Cornelisdr van Emmickhoven weduwe van Jan Simonsz schoenmaker
Reyer Sprong, chirurgijn
Dammis Aertsz van de Poel, Dordrecht
Anneken Dammisdr van der Poel (o), Nijmegen
betreft boedelverdeling

- (8-10-1608) Op verzoek van Simon Jans Verhaven wordt een verklaring afgelegd door
Frans Cornelisz Teelekint 49jr, aerdewerker,
Pleun Cornelisz 37jr, aerdewerker, Honingen
Cornelis Willemsz 35jr, zoutkeet Schiedamse poort
Fijenoord, Dordrecht
Verklaring dat door het afsteken van zoden gras het gras vernield is

- (21-1-1609) Mathijs Jansz, schipper, heeft met zijn gemene reders opdracht gegeven aan
Cornelis Ariensz Kleykluyt, scheepstimmerman
tot uitvoering van bepaalde werkzaamheden overeenkomstig een een gegeven bestek aan zijn schip genaamd
de Witte Swaen, coopvaerdijschip
Aan deze opdracht is niet voldaan
Overeenkomstig het verzoek van de comparant heeft de notaris zich samen met Joost Henricxz, gesworen roededrager, naar Cornelis Ariensz begeven. Deze geeft toe in gebreke te zijn gebleven maar belooft het werk alsnog uit te voeren.
Daar toe heeft hij in Dordrecht een lading hout gekocht

- (3-3-1609) Jan Ariensz en zijn vrouw Trijntgen Cornelisdr, zeeman
Botersloot Rt.
Maes Cornelisz
Cornelis Cornelisz, Dordrecht
Cornelis Cornelisz alias Cornelis Melisz
Steven Cornelisz, Dordrecht
Maertgen Cornelisdr
Testament met erfgenamen

- (19-3-1609) Op verzoek van Gerrit Gerritsz, schipper
wordt een verklaring afgelegd door Arien Harmansz, keurmeester en beschoter van de hoppe
Tomas Willemsz, hopcoper, Dordrecht
verklaring omtrent de kwaliteit van geleverde 1hop

- (23-3-1609) Op verzoek van Leendert Willemsz Starck, cruyenier, Dordrecht
wordt een verklaring afgelegd door Huych Ariensz, oud 42 jr, cruyenier
Lodewijck de Pottere, oud 31 jr, cruyeniers
verklaring dat de burgers van Rotterdam het recht hebben om in het kader van hun nering tot 50 ponden af te wegen zonder
daarvoor aan de stadswaag iets schuldig te zijn

- (21-5-1609) Henrick Henrickx, Dordrecht en zijn zuster Neeltgen Henrickxdr
Henrick Fransz Schouttetten
Maddelena Fransz Schouttetten
Adriaen Henricxz
Neeltgen Cornelisdr Snoecken
Machtelt Cornelisdr Snoecken
Adriana Cornelisdr Snoecken
Raemstraet Dordrecht
Testament met erfgenamen

- (15-7-1609) Bartholomeus van Eck wonende te Rijswijck, in het Lant van Altena, machtigt
Alewijn Aelewijnsz wonende te Dordrecht
tot incasso van al zijn vorderingen en in het bijzonder te incasseren van zijn zwager Johan Pels wonende te Sevenberghen
een bedrag van 200 gulden en dit bedrag uit te betalen aan Dircxgen Jacobsdr wonende te Dordrecht

- (4-8-1609) Lambert Melchiorsz van Kluyskercken wonende te Amsterdam
geeft machtiging en opdracht aan zijn broer Peter Melsz schipper wonende te Brielle
om namens hem in Dordrecht, Den Briel of elders te opponeren tegen gegeven voorzieningen op zijn goederen

- (15-9-1609) Matheus Denijsz, ballemaker, Tilborch
Peter Jansz van Hil, procureur, Dordrecht, Geertruydenberge
Betreft het inbeslag nemen van 5000 pond / ballemakers hair door Chistiaen van der Heyden nabij 't huis te Merwe

- (6-12-1609) Johan Berck, Raetpensionaris van Dordrecht
machtigt
Adriaen Adriaensz Vos wonende te Nieuwerkerck
om namens hem voor het gerecht van Nieuwerkerck over te dragen aan
Cornelis Ellertsz wonende te Cappelle aan de IJsel
een stuk land groot 10 margen gelegen in Nieuwerkerck aan de 's-Gravenwech
Belend is Jacob Adriaensz

- (21-12-1609) Op verzoek van Hans van Nuffelen, brouwer in 't Root Ancker
hebben
Aeltgen Jansdr, 40 jaar, ongehuwd
Hillegont Claesdr, oud 26 jaar, huisvrouw van Samuel Petersz spinnewielmaker
verklaard dat zij aanwezig waren ten huize van wijlen requirants schoonzusters
Janneken Heymans, gehuwd met Hans Wijckens nu wonende te Dordrecht en dat Janneken Heymans kort voor haar overlijden bevestigde dat Hans Wijckens een bedrag van vier rosennobels toekwam die zij hem schuldig was

- (19-5-1610) Adriaen Matheus Wens
Sara Matheusdr Wens
Jan Matheus Wens, metselaer, Dordrecht, geboren te Antwerpen
kinderen van
Matheus Wens, Antwerpen
Cornelis Verhoeven, metselaer
Jan Antonisz Stopper, overleden te Danzick
Betreft overdracht van rechten op een erfenis

- (18-6-1610) Op verzoek van Jaquemina Jansdr van Es huisvrouw van Jacob Adriaensz Vos wonende te Dordrecht
hebben
Rombout Fransz, oud 27 jaar, varende man
en
Jan Meyndertsz, oud 20 jaar, varende man
verklaard dat zij als bootsgezellen op het schip St. Peter, coopvaerdye schip
met schipper Willem Jansz Kruyfthooft alias Jongen bocx in de haven van St. Lucas in Hispanien op 10 mei l.l. gezien hebben en hebben gesproken met requirante's man die aldaar met schepen van Duynkercken lag en dat hij toen gezond was.

- (9-7-1610) Op verzoek van Anthonis Huygensz, metselaer,
wordt een verklaring afgelegd door
Jan Jansz Verveer, 60 jr., marcktschuytvoerder op Dordrecht en
Isaac Carels, 36 jr., Steyger,
dat zij op 7 mei van dit jaar in het Vlyes, een Herberg bij de Mandemakersbrugge,
gehoord hebben, dat Anthonis Huygensz en Jan bij Nacht zijn overeengekomen dat Anthonis aan Jan 200.000 1pannen zal leveren op scheepsboord. Deze overeenkomst is vastgelegd door Willem Pyck, notaris.

- (1-9-1610) Michiel Paulusz, pachter van de impost op paarden, Dordrecht
Cornelis Willemsz 36jr, pachter van de impost op wijn
Dirck Sabba, Leyden
Arien Jansz, Culemborch
Witte Swaen, Voorschoten
Betreft de impost op de verkoop van een bruyn merye / 1paert

- (20-1-1611) NN Casembroot, verklaart dat hij onderhands land heeft verkocht aan Leunis Corneliss Loyss,
die nu weigert de overeengekomen prijs te betalen.
Het land is verkocht in opdracht van zijn moeder joffrouwe Cornelia Poppe, weduwe van raetsheer Casembroot, in
aanwezigheid van zijn zwager Pompeus de Roevre, raedt van Dordrecht. De verkoop vond plaats ten huize van Domas Jansz in de Swarte Galeye, gelegen naast de Groote Soutkeet te Middelburch. Het verkochte land was gelegen in Huge Laureynse Block op Walcheren. Een van de andere kopers was Jan Adriaens Blauwaert.

- (25-2-1611) Op verzoek van Reyer Maertensz van Beaumont, cruydenier,
Adriaen Leendertsz Besemer, cruydenier, en
Thomas Willemsz van Gitten, cruydenier, Dordrecht, verklaren
Huych Adriaensz, 44 jr., cruydenier,
Lodewijck de Pottere, 32 jr., cruydenier,
Leendert Willemsz Sterck, 42 jr., cruydenier, Dordrecht,
Abraham van de Water, 28 jr., cruydenier, Dordrecht,

dat zij de kwaliteit van de rozijnen slecht vonden en onbehoorlijk gepakt, die requiranten gekocht hadden van Peter Eems
coopman Vlissingen.

- (15-5-1611) Lucas Jansz, linnenwever, Hofpoortgen buiten het
Leendert Aertsz 20jr, linnenwever, afkomstig van Geldrop in Brabant won. te R'dam
Ritchert Jansz 18jr, schilder, afkomstig van 3 Dordrecht, won. te R'dam Princestraat Baenstraet Stadsveste
Betreft een scheldpartij tussen een vader en een zoon die zich bij de Mennisten heeft gevoegd

- (24-5-1611) Claes Omaersz, metselaer, Leiden
Michiel Joppen 24jr, arbeider
Arien Jansz 23jr, schipper van een crabschuyt
Wouter Egbertsz 21jr
Vrederick Nelsen alias capiteyn Snouck, schipper
Drye Texelaers, de
Achter de Beurse
Goutschewagenstraet
Antwerpen Leiden
Betreft het verblijf hier en vertrek naar Dordrecht van Wouter Egberts

- (25-7-1611) Willem van Dilsen de Jonge, Hage, den
Willem Pieck, notaris
Willem Mathijs, Dordrecht
12 akte niet helemaal afgeschreven en met doorhalingen geannuleerd

- (7-10-1611) Jonas Cabbeliau, coopman,
machtigt
Willem van den Brouck, procureur voor de gerechte van Dordrecht, om hem in alles te vertegenwoordigen voor het gerecht van
Dordrecht.

- (15-10-1611) Johan Brouwer en zijn vrouw Maria van Wels of Weels, Raet ter Admiraliteit
mede-erfgenaam zijn hun gehuwde dochters
Maria Brouwer
Elysabeth Brouwer
Eerdere testamenten op 1.12.1583 en 17.5.1593 voor Harmen Spiegel, notaris te Dordrecht

- (2-12-1611) Willem Jasparsz en zijn vrouw Neeltgen Jansdr, waegemaecker wonende te Dordrecht.
Mutueel testament met legaten aan Aeltgen Jansdr, zuster van Neeltge Jansdr en aan de bloedverwanten van
vaderszijde van Willem Jaspersz n.l.
Adriaen IJsbrandtsz,
Maritgen IJsbrandtsdr,
Ariaentgen Adriaensdr,
Wouter Adriaensz.
Het testament is opgesteld ten huize van Jan Jansz Verveer, marcktschuytvoerder op Dordrecht wonende op het Steyger.

- (11-6-1612) Gerryt Pietersz, bleecker, machtigt
Adriaen Jansz, zijn zwager wonende te Doordrecht,
om voor wethouderen te Oudenbosch een stuk land over te dragen, dat door Adriaen Jansz en Aert Aertsen zijn
zwagers, aan Rombout Jansz en Joos Aenthonissen is verkocht en de gelden te innen volgens koopcontract d.d.
09.05.1612 verleden

- (14-6-1612) Antonis Willemsz, man en voogd van Lijntgen Brantsdr, zilversmit, machtigt
Hans Prins, en Syvert Meyndertsz,
om een huis genaamd de Lantscroon staande in de Wijnstraet in Dordrecht aan de koper over te dragen

- (21-6-1612) Sybert Meyndertsz, en Hans Prins, als voogden te zamen met
Johan Carel,
Isaack Carels,
Anthoni Willems van Minnebeeck,
Adriaen Jacobsz van der Steen, als erfgenamen van Steffenia van Voort, vrouw van Jan Jansz Verveer, dragen over aan
Roelant de Leeu, man en voogd van Steffenia Ariens Brants, Adriana Dircks de Leeuw, een rentebrief van f 62,50 per jaar ten laste van Jacob Craentges verzekerd op het huis genaamd de Toelast in de Wijnstraat te Dordrecht.

- (21-6-1612) Jan Caerle Wanten, man en voogd van Celyken Brantsdr,
Isaack Caerle Wanten, man en voogd van Anneken Brantsdr,
Roelant de Leeu, man en voogd van Steffenia Brantsdr,
Antony van Minnebeeck, man en voogd van Lijntgen Brantsdr, allen kinderen van
Adriaen Brants, echtgenoot van Steffenia van Voort, Dordrecht.
Verklaren elk f 1000,- uit de nalatenschap ontvangen te hebbben met uitzondering van de voorn. Roelant de Leeu die f 500,- ontvangen heeft en een rentebrief verleden door Jacob Craentgens op het huis genaamd den Toelast staande in de Wijnstraet te Dordrecht ten profijte van Jan Jansz Verveer en voorn. Steffenia van Voort alsmede voor betaling van de schuld van Adriana de Leeuw.

- (30-6-1612) Jan Henrickz, knopmaker, Houttuyn
Jan Jansz 20jr, kleermaker
Jan Henricxz 32jr, kleermaker
Willem Jaspersz, Dordrecht
Gillis Gillisz, koperslager, Dordrecht

Betreft het verzenden van 1knoppen onder vals handelsmerk en het leren van het knoppen maken aan een koperslager

- (12-7-1612) Isaacq Caerle Wanten, man en voogd van Anna Brantsdr, mede namens Roelant de Leeu, man van
Steffenia Brantsdr Utrecht,
Frans van der Lanen, man van Aeltgen van der Steen, Vlissingen,
Antoni Willemsz van Minnebeeck, man en voogd van Lijntgen Brantsdr, alsmede
Adriaen van der Steen, kinderen van Steffenia van Voort, machtigen Sybert Meyndertsz, en Hans Prins,
om over te dragen aan Jan Caerle Wanten een huis en erve genaamd de Lanscroon staande in de Wijnstraet te Dordrecht.

- (9-11-1612) Op verzoek van Jan Gillisz Poppe, coopman, wordt door de notaris een wisselbrief aangeboden
aan Jan Berrewouts, coopman,
welke wissel is getekend door Jan van den Ghevel te Dort. Voorn. Jan Berrewouts ontkent iets schuldig te zijn.

- (12-12-1612) Op verzoek van Willem Pietersz Bal, brouwer, Haerlem, en
Claes Willemsz Verwer, brouwer, Haerlem, wordt een verklaring afgelegd door
Denijs Willemsz, brouwer in den Os mette Croon, te Dordrecht,
de Os mette Croon, brouwerij, Dordrecht,

betreffende de vrijheid van pacht op het vervoer van 't bier, dat van buiten Dordrecht wordt aangevoerd.

- (14-2-1613) Hans van Nuffelen, brouwer in het Root Anker
Phillips Peyman, Dordrecht
Jan Stevensz, schipper aan de Vuylpoort, Dordrecht

Adriaen Henricxs
Jacob Willemsz, schipper, Breda
schipper, Breda
Betreft terug betaling van een borgstelling voor de aankoop van een Caechschuyt

- (13-3-1613), Jacob Allertsz, coopman, Briel, den
Simon Petersz Freun 30jr alias Simon Peters Froon, coopman
Jan Henricxz 47jr, zoutmeter
Claes Ariensz 40jr, zoutmeter
Rokus Dircxz, schipper
Abraham Woutersz, Dordrecht
Jan Willemsz Vos, Gorcum
Cornelis Willems, Vlaerdingen
Willem Fransz, Schiedam
Jan Davidts, Delft
Wouter Woutersz, Amsterdam
Peter Willemsz
Joost Joppen, Gouda
Jacob Fransz, leertouwer
Peter Willems (Simon Peters Freuns vader)
Betreft het lossen en verkopen van een lading terraneufs zout uit Frankrijk

- (2-6-1613) Willem Jansz en zijn vrouw Maertgen Tijssensdr, Oudendyck in Cralingen
Peter Adriaensz de Wit, schout van Cralingen
Peter Pontiaensz
de erfgenamen van Henrick Petersz van Dort, Sgravenweech Boscade in Cralingen

- (9-6-1613) Jan Jansz van IJselstien, schipper van een schietschuyt, Utrecht
Heyman Jansz Post, 41jr, makelaer van greynen
Peter Jansz van Hil, 34jr, procureur
Jan Teunisz, schipper, Gornichem
schietschuyt   /  Shartogenbos Dordrecht
Betreft een lading 1rogge waarvoor te weinig licenten is betaald

- (17-6-1613) Adriaen Adriaensz van der Meer, timmerman, machtigt
Philps Peyman, Dordrecht,
om alle vorderingen die hij heeft op Jacob Henricxz van der Eyck namens hem op te eisen

- (30-7-1613) Peter Gerritsz, schipper
Henrick Aertsz 23jr, boekdrukker
Jacob Jacobsz Verhoeven,
Thomas de Vechter, Dordrecht
Betreft de levering van nieuw gegoten letters en het niet betalen daarvan

- (25-9-1613) Antony van Oostenryck, coopman, Embden
Peter Hagers
Peter Claesz, makelaer van greynen, Sanderswall te Ghent in Vlaanderen
Pauwels Eelbo, notaris, Dordrecht
Isaack den Dobbelaer overleden / Betreft verkoop van een huis te Gent

- (18-10-1613) Laurens Visschenich, Dordrecht, transporteert aan Jonas Cabbeliau, coopman, een vordering van f 1000,- op Adriaen Fransz Walen wonende te Dordrecht, voogd over de weeskinderen van Jan van Ghent.

- (22-1-1614) Syvert Meynertsz van Duynen, coopman, wonende aan de Lovenhaven
machtigt
Pieter de Blandele, procureur te Sluys in Vlaenderen
om namens hem over te nemen een stuk land gekocht van Bartholomeus Dircxz de Oude, oud-burgemeester van Oostbrugge
waartoe Jan van Dort gemachtigd was bij akte verleden voor N.N. Leeuwen, notaris aldaar
het land is gelegen in de Oude Yeven Watering in het ambacht van Oostbrugge

- (7-2-1614) Anna Cornelisdr, weduwe van Jan Mathijsz Besemer, schout te Oudekerck op de Yssel, wonende te Oudekerck
benoemt tot haar erfgenamen haar kinderen
Jan Jansz Besemer, Ouderkerck a/d IJssel
Mathijs Jansz Besemer, wonende te Rotterdam
Pieter Jansz Besemer, Ouderkerck a/d IJssel
Barbara Jansdr, Dordrecht
Jannetgen Jansdr, wonende te Rotterdam, Hoochstraet

- (10-4-1614) Bastiaen Goossensz
Hans Laurensz
Jan Dircxz
verkopen een huis en erve aan
Jacob Jansz Nuyen, coopman
Belend zijn Jacob Jochimsz, huystimmerman
Hubrecht Barents, Sleutelstraet
betreft de verkoop van een huis staande aan de Hoochstraet genaamd de Orainge Lelie
Betaald wordt met een huis staande aan de Schuytmakerstraat in Dordrecht genaamd DE KLUYS en een huis genaamd WIE WEET WAAROM te Dordrecht

- (22-5-1614) Op verzoek van Cornelis Adriaensz Spruyt, wachtmeester, Dordrecht
wordt een verklaring afgelegd door
IJsbrant Claesz Winter, wachtmeester
Dominicus Jansz Verveer, coopman
zijn zoon Joris Dominicusz Verveer, Hoochstraat
Carel Carels
Betreft de betaling van waaggeld en import op een partij loot

- (8-10-1614) Paulus Jansz, coopman van spellen
Peter Jansz van Gorcum 46 jr., arbeyder
Jacob Jaspersz van Rooi, wonende in de Rijtdijckxstraet in Dordrecht,
DRYE VERGULDE CRANEN, Rijtdijckxstraet te Dordrecht

Aankoopbewijs spelden verpakt in papier gemerkt met de Laers met de Kroon

- (12-11-1614) Antonis Gerritsz Schut, Dordrecht
geeft machtiging aan Jan Caerle Wanten
Reyer Jansz man van Mayken Verbeeck
Wapen van Schotlant  / Hoochstraet
overdracht huis

- (8-12-1614) Frans Jansz, cruienier
Johan Pau oud 61 jaar, cruienier
Peter Henricxz Kellenaer 35 jr, cruienier
Samuel Lievensz, cruyenier, Dordrecht
in beslagname (arrest) baal 1rijst

- (28-3-1615) Jan Fransz de Vries
Dirck Heuft, coopman, Dordrecht
Jan Jacobsz Knap, schipper, Delffschenhaven
Jehan Heuft, het Swarte Paert groot 90 last
Jan Jacobs Knap, Brouwagie in Vranckrijck
Rouan in Normandyen
Contract voor twee reizen met zout

- (20-6-1615) joncheer Fransois van der Duyn
contra
Lambrecht de Hooge man van Elysabet Brouwer
dochter van Johan Brouwer overleden, en Maria van Wels
Donck den  / Reyerkerck  / Dordrecht

- (4-7-1615) Jacob Jansz Nuyen, coopman
Jan Cornelisz Schot oud 44 jaar, gezet schipper, Dordrecht
smalcarveel of smalschip op 03.07.1615 aangekomen van Amsterdam met een lading wijn in vaten
Simon Claesz oud 41 jaar, Dordrecht
Paulus Andriesz oud 46 jaar, kraenwercker
Otto Cornelisz 41 jaar, kraenwercker
Jan Jansz, wijnverlater
N.N. Soetendaele, collecteur van de impost van de wijnen
Wouter Jansz
gang van zaken bij de inklaring van de lading wijn en problemen met lekke vaten

- (22-7-1615) Op verzoek van Willem Pietersz, ordinaris veerman, op Charloys
hebben
Evert Jansz van Dockum, oud 29 jaar, varende man, en
Jacob Jansz, oud 33 jaar, varende man
verklaard dat zij gezien hebben dat Willem Thomasz, cageschuytvoerder
ten hoogte van de Lovenhaven
getracht heeft de schuit van requirant aan te varen, waarna een vechtpartij ontstond waarbij mede betrokken waren
Jan van Leyden
Michiel N.N., varend op Dordrecht en Den Bryel
Thomas Jacobsz, beddevercooper, en Pieter Harmansz, vader van requirant, veerman op Charlois

- (25-8-1615) Roelant de Leeu, procureur voor den Hove van Utrecht
Jan Pietersz Veeckemans, Dordrecht
wijlen Cornelis Jansz Cruysert, gewoond hebbende te Coelen
LANTSKROON Wijnstraat Dordrecht
DE TOELAST, Wijnstraet te Dordrecht

overschrijving hypotheek  / Weesmeesteren te Dordrecht

- (12-10-1615) Hans Wagens, houtcoper, Dordrecht
contra
Henrick Jorisz, scheepstimmerman
Willem Jansz, houtcoper in Hasselt
Amsterdam
betreft een partij hout dat door Henrick Jorisz verkocht is aan N.N. Nederhoven houtcoper te Dordrecht waar van geen afrekening is getoond

- (23-11-1615) Boudewijn Petersz van Duynen vermaakt zijn bezit aan zijn vrouw Doritea Vite van Nederen, opperkuyper, Dordrecht
met legaten aan zijn broer en zusters
Jan Petersz
Anna Petersdr
Lyntgen Petersdr
de Goude Leeu  / Gheen Huygen Schapenham  / naar Oost-Indie

- (23-11-1615) op verzoek van Philips Peyman, Dordrecht
procuratie hebbende van Adriaen Adriaensz van der Meer
wordt een verklaring afgelegd door
Gerrit Matthijsz 43 jr, coopman
Adriaen Adriaensz 38 jr, huystimmerman
betreft de betaling van een schuld door Jacob Hendricxz van der Eyck, Dordrecht
Verklaring over een schuld

- (17-4-1616) Peter Petersz man en voogd van Anneken Brantsdr
Antoni Willems van Minnebeeck man en voogd van Lijntgen Brantsdr
Adriaen van der Steen
allen kinderen van wijlen Stephenia van Voort
hun schoonmoeder resp. moeder
tevens vervangende hun zwager Fransois van der Laen man en voogd van Aeltgen van der Steen
machtigen
Jan Caerle Wanten hun zwager Cornelis Petersz Visscher
Adriaen Huybrechtsz
de Lanskroon  / Dordrecht
Dordrecht
Overdracht van een deel van de Lanskroon aan de weduwe en de erfgenamen van Cornelis Petersz Visscher door
Adriaen Huybrechtsz namens comparanten verkocht aan genoemde Cornelis Petersz.

- (17-4-1616) Pieter Pietersz man van Anneken Brandts,
Anthoni van Minnenbeeck man van Lijntgen Brandts,
Adrian van der Steen, mede namens Franchoys van der Laen man van Aeltgen van der Steen,
machtigen hun zwager
Jan Caerle van Wanten,
om een huis te Dordrecht over te dragen aan de weduwe van Cornelis Pietersz, visscher.
Zij hebben het huis geerfd van hun moeder en schoonmoeder Stephania van Voort.
Het huis was al te voren namens hen door Adriaen Huybertsz verkocht en is genaamd de Landtscroon te Dordrecht.
De akte is niet ondertekend.

- (20-6-1616) Isaacq Duval, geboren in Parijs en zijn vrouw Maria Brantsdr, Dordrecht
haar dochter Lijntgen Ariensdr vrouw van Esais Rostein
Wapen van Schotlant, herberg   / Hoochstraet  / Parijs in Vranckrijck

- (8-7-1616) Op verzoek van Jacob Bartelsz, tijckwerker, hebben
Hans de Meer, 42 jaar, coopman
Jan Adriaensz, 26 jaar, en
Thoontgen Henricxdr, 29 jaar, vrouw van Jan Jansz, cuyper
een verklaring afgelegd omtrent een ongeval met een paard en wagen toebehorend aan Hans N.N., waert in de Ros Beyer te Swijndrecht die hen meenam van IJsselmonde via Rydderkerck en Alblasserdam naar Dordrecht

- (30-8-1616) op verzoek van Fransois Lodewijckz wordt een attestatie afgelegd door
Hillebrant Petersz 44 jr, coopman
Jan Portmans 38 jr, trapenier
Leonart Erratus, lakenmaker, Dordrecht
Isaacq Nicolay Schorn 25 jr, Dordrecht

Amsterdamsche Veerschuyt  / herberg  / Kerckhoff
Verklaring van de verhandelin van balen 1wol en verse cabbeliauw

- (12-9-1616) De ongehuwde Adriaentgen Stoffelsdr benoemt tot erfgenamen van vaderszijde
Adriaen Huybrechtsz Verveer, Dordrecht
Hendricxken Vassendr en haar dochter Grietgen Maerschlck
Aert Jansz
Corsken Tijssendr
Cornelis Tielen
de kinderen van Laurens Cornelisz
erfgenamen van moederszijde; de kinderen van
de kinderen van Laurens Cornelis
Erfgenamen van moederszijde:
de kinderen van Cornelis Ewoutsz, Goedereede
Madly Ewoutsdr
de kinderen van Job Huygen
Frans Jansz Pieck en zijn zonen
Neeltgen Fransdr Pieck
Maria Fransdr Pieck, huysarmen
Weeshuis te Rotterdam

- (13-11-1616) Pieter Verhoeven, coopman, Dordrecht
draagt aan Jonas Cabbeliau
alle vorderingen over die hij heeft op Johan Cabbeliau de Jonge, Niemegen
Jan van der Bregge, Londen
Abraham van de Koutere, Londen
Johan Wuls, Londen
Draagt goederen en schulden over

- (23-11-1616) Jonas Cabbeliau, coopman
heeft uit naam van Peter Verhoeven, coopman, Dordrecht
gemachtigt
Daniel van Haringhoek, Londen in Engelant
Jan van der Brugge, Londen
Abraham van der Koutere, Londen
Johan Nuls, Londen
opdracht tot het innen van vorderingen

- (3-2-1617) Neeltgen Henricxdr, ongehuwd geassisteerd met Jan Gillisz Poppe
machtigt haar broer Adriaen Henricxz, Dordrecht
om een huis te verkopen aan
Hendrick van Bladigem, apotecaris, Dordrecht
afkomstig van hun vader Henrick Adriaensz den Haring, Hill, Dordrecht, Raemstraet, Dordrecht

- (20-4-1617) Hans Princen verkoopt aan
Willem Houdane, uit Dordrecht een huis aan de Wijnstraat in Dordrecht waar uithangt het wapen van Vranckrijck, belend aan
de ene kant Simon van der Stelde en aan de andere kant Roelof Vrancken.

- (23-4-1617) Hans Prinsen verkoopt een huis en erf staande en gelegen in de Wijnstraet te Dordrecht, waar het Wapen van Vranckryck uitsteekt, aan Willem van Haudaen te Dordrecht.
Belendingen: enerzijds Symon van der Stelde, anderzijds Roelof Vrancken.
De koopprijs bedraagt 4566,= gulden

- (20-6-1617) Op verzoek van Annetgen Bartholomeusdr
wordt verklaard door Maritgen Adriaensdr, 26 jr, vrouw van Adriaen Michielsz
Claesgen Jansdr, 33 jr, vrouw van Frans Cornelisz
dat Annetge Bartholomeus naar Dordrecht is gereisd en van daar naar Strijen

- (29-7-1617) Op verzoek van Mathijs Dircxz, cageschuytvoerder
wordt verklaard door Peter Adriaensz, coorncooper
dat Mathijs Dircxz in zijn cageschuyt honderduizend ockernoten heeft ingeladen uit een op stroom liggende
pleyt en na eerst naar Dordrecht gevaren te zijn, ze naar Rotterdam gebracht heeft, waar de partij gedeeltelijk verkocht is aan Mathgen Huybrechtsdr weduwe van Cornelis Baertoutsz

- (4-10-1617) Op verzoek van Gerrit Anthonis Thielkin
wordt een verklaring afgelegd door
Engelbrecht Merchijn, 56jr, brouwer in de Hant mette Croon, en
Jan de Mars, coopman
over de verkoop van een party bokking door
Hans Pietersz, bockingdroger, Haringvliet aan:
Jaques Ramon, Luyck
Lambert Lambertsz uit Dordrecht heeft betaling van koopsom niet willen aannemen bocking

- (21-12-1617) Henrick Leendertsz, Shartogenbosch
Henrick Lambrechtsz, Shartogenbosch
mede namens
Lenaert van Welhuysen, Shartogenbosche
verklaren geen schadevergoeding te zullen eisen van
Dirck Cornelisz, schipper van Dordrecht
met wiens schip zij een partij koolsaet hebben verscheept, die door de Admiraliteit is verbeurd verklaard

- (4-1-1618) Henrick Dircxz, laeckencooper
machtigt
Cornelis Adriaensz Spryet, Dordrecht
Om van Jan Remmens, roermaecker een schuld te innen

- (11-1-1618) Coenraet Woutersz j.g. Dordrecht
geass. met zijn ouders
Wouter Cornelisz
Maria Coenraetsdr, Dordrecht

Aeltgen Maertensdr van Noorden j.d. geass. met haar ouders
Maerten Huygensz van Noorden
Trijntagen Ariensdr

- (7-4-1618) Erckgen Floppen van der Meyde geass. met haar voogd Jacob Jacobsz
machtigt
Bartholomeus Bartelsz, coopman, Amsterdam
Johan Brouwer, Dordrecht
Henrick Coenen, schipper, Tiel
Christiaen de Lange
Inning van vordering.

- (24-5-1618) Op verzoek van:
Frans Evertsz de Lange, wijnverlater te Dordrecht wordt verklaard door Wouter Jansz 43 jaar, wijnverlater en Jan Corstiaensz van der Heyden 30 jaar, wijnverlater dat zij zich in het jaar 1614 besteed hebben, bij schipper Mathijs Jansz Houpstock en Heynrick Fransz, zoon van Frans Eversz de Lange, om een reis te maken naar Groenland als cuyper, voor acht carolusgulden per maand.

- (4-7-1618) Jan Maes machtigt
Jan Joppen, procureur om voor het gerecht van de stad
zijn vordering te eisen die hij heeft op Dirk Jansz van Dort.

- (28-7-1618) Cornelis Fransen, Schievaert
machtigt
Virgilius Ooms, advocaat, Dordrecht
zijn aanspraken te verdedigen op zes morgen land, gemeen in negen morgen, gelegen in Jacob Peters' weer; belend
Willem Cuinissen en
Barent Gerritsz' weer
dat hij heeft verkregen door ruil met ene Cors Jansz, Dordrecht
Het land ligt te Leckerkerck en strekt van de Leck tot de landscheiding

- (31-8-1618) Gijsberecht Fredericksz 33 jr, opperbrouwer in de Lelie van Libbrich in het Cuelslant
verklaart op verzoek van Hendrick Fredericksz van Libberch, dat hij Gisberecht vier jaar geleden in Haerlem gevangen heeft gezeten omdat hij een half vat bier zonder accijns uit de brouwerij gedragen zou hebben.
Hij verklaart tevens dat Hendrick Frederixsz in die tijd in Dordrecht in 't Rietlant woonde, en hem dus niet verraden kan hebben, zoals het gerucht wil. Op de volgende bladzijden staat en notitie dat Arnout Frederixs scrijnwercker bovenstaande getuigenis bevestigt.
Hij ondertekent in Duits handschrift als Arnulttus Frederichs Hagbergen of Schagbergen.

- (1-9-1618) Op verzoek van Gerrit Tins, Dordrecht voorheen te Amsterdam
wordt een verklaring afgelegd door; Jan Pietersz van Rijsoort
dat Tins met Evert Evertsz, bombasijnbereyder
Antony Aertsz, Amsterdam, wonende ten huize van Pieter Jacobsz van Rijn, Amsterdam
gedrieen een compagnonschap hebben opgezet

- (9-9-1618) Dirick Everatsz, passementwercker machtigt
Blocklant procureur te Amersfoort
om twaalf gulden te innen die Jan Jansz Persoon van Dort hem schuldig is.

- (10-9-1618) Grietgen Henderixdr ( 25 ), Maeyken Jacobs ( 32 ), Lysbeth Michielsdr ( 33 ), Trintgen Jans ( 36 ) en Altgen Dirixdr ( 50 ) verklaren op verzoek van Jan Artsz, backer dat eerst Jannetgen Jaquesdr en daarna haar dochter Jan Artsz hebben
uitgemaakt voor een bankroette dief die noch in Dordrecht noch in het Land van Luik durfde te komen.
Betreft: scheldpartij.

- (22-9-1618) Gijsbert Lodewijcxz Arckenbout, j.g. Brielle,
benoemt tot erfgenaam zijn moeder Annitgen Betten,
met een legaat aan zijn halfbroer Cornelis Lodewijcxz;
aan zijn nicht Marritgen Meynnertsdr, Dordrecht,
en aan Jan Adryaensz Steur zijn halfbroer.

- (27-10-1618) Jonas Cabbeliau
Ghijsbrecht Haring, coopman te Dordrecht
Adriaen Danielsz Taell, Brielle
Antony Taell
Machtiging tot het in ontvangst nemen van 3.000 pond stoven Meede

- (7-11-1618) Willem Willemsz Verbeeck, man van Pietertgen Mercelisdr Elwouts
machtigt zijn zwager Adriaen Mercelisz Elwouts,Dordrecht
om met de mede-erfgenamen de nalatenschap af te handelen van Cornelis Mercelis Elwouts, zijn broer overleden te Out-Gastel in Brabant

- (21-11-1618) Cornelis Cornelisz Jongeneel de Jonghe, schepen,
Reynier Huyven, Dordrecht,
namens Jan Conincx, vader van de overleden
Michiel Jansz Conincx, en
Jan Slingelant, voogd over de nagelaten kinderen van Michiel Jansz Conincx,
Deonys Harmensz, Maastricht,
hebben een geschil inzake de betaling van 12 vaten wijn tot arbiters zijn benoemd
Pieter Mathijsz, wijncooper, Dordrecht,
Gielles Bocheljon, koopman,
Willem Mathijsz, koopman, Dordrecht.
De akte is opgemaakt in het huis van Hans Boels, waert in Sint Lucas aan de Hoochstraet.

- (13-12-1618) Sebastiaen Joosten van Coelen, chirurgijn, middel-
benoemt tot zijn erfgenamen zijn
Sara Adriaensdr
Cornelia Adriaensdr
Adriaen Adriaensz Romen
Jan Adriaensz Romen
Erasmus Adriaensz Romen, kinderen van Adriaen Sara Romen, Maecht van Dordrecht
Testament wegens vertrek naar Oost-Indien / huysarmen

- (15-1-1619) Op verzoek van:
Jan Jansz van Aeckeren, pachter van de waech te Dordrecht wordt verklaard door Isbrant Claesz Winter, 40 jaar, waechmeester, dat in de 15 jaar dat hij waechmeester is, de smeer en 't roet van de beesten die door vleeshouwers en burgers geslacht worden naar de waag worden gebracht om gewogen te worden.

- (15-1-1619) Op verzoek van:
Claes Bastiaensz, marktschipper op Dordrecht wonende in de Graeff wordt verklaard door Jacob Jansz Mont, 56 jaar, olislager dat hij ongeveer een maand geleden, aan Claes Bastiaensz verkocht heeft 6000 raepkoucken.

- (15-1-1619) Op verzoek van:
Jan Sebastiaensz en Claes Sebastiaensz beiden marktschippers van de Graeff op Dordrecht wordt verklaard door Heynrick van der Cloot, 43 jaar, koopman, dat Sebastiaen Cornelisz vader van Jan en Claes Sebastiaensz op 03.01.1614 in zijn schip heeft geladen zes tonnen gezoute cabellouw koppen, drie tonnen visch en drie tonnen bocking om naar de Graeff te vervoeren.

- (20-2-1619)   X

- (1-6-1619) Mathijs Dircksz, kleerkoper uit Dordrecht, machtigt notaris Pieter Pelt
om zijn zaken te behartigen en speciaal om Cornelis Adriaensz, metselaar te Dordrecht,
te manen zijn schuld te betalen van zijn vrouw Aegtgen Lambrechtsdr, wegens de koop van een paarse rok.

- (24-6-1619) Jacob Petersz van der Poel
Michiel Petersz Sijpenhoff
Abraham Petersz Dullaart
Huych petersz Dullaert
Cornelis Adriesz
Jan Petersz van Heel
Lenaert Isaacxz de Meyer
Govert Isaacxz de Meyer
Boudewijn Isaacx de Meyer
Jacob Isaacx de Meyer, Dordrecht
allen erfgenamen van Boudewijn Michielsz hun oom
machtigen
Adriaen Petersz Vethuysen
Michiel Isaacx de Meyer
om hun zaken waar te nemen in de zaak van de erfenis van hun oom.
225 / Zie ook akte 103

- (2-7-1619) Thomas Heynricksz, spijckermaecker, wonende Westwagenstraet,
sluit een contract met
Anthoni van Gesel, coopman van ijzer, wonende te Dordrecht,
voor de levering van ijser voor een bedrag van 500 gulden, door Thomas Heynricksz te betalen uit de afrekening met de Oost Indische Compagnie.

- (9-7-1619) Pieter Pietersz van Vaeck, brouwer in de Roode Roos
mede namens zijn broer Cornelis Pietersz van Vaeck, Dordrecht,
als voogden van de weeskinderen van hun zuster
Barbara Pietersdr van Vaeck overleden vrouw van Roelant Broeders, chirurgijn,
machtigt zijn zwager Thomas Packe, secretaris van
Lambrecht Chaerle, gouverneur, Nimmegen,
om aanwezig te zijn bij de verdeling van de erfenis.

- (21-8-1619) Claes Joachimsz, smidt, wonende Groenendael,
bevestigt mondeling te zijn overeengekomen met
Anthoni van Geesel, coopman van ijser, te Dordrecht,
om in geval van te late betaling aan genoemde van Geesel een vergoeding te betalen van een stuiver per pond ijzer voor elke maand vertraging in de betaling.

- (20-11-1619) Abraham Anthonisz, j.g. bootsgesel van Dordrecht,
machtigt
Maritgen Aryensdr Vosch vrouw van Pieter Willemsz Jaeger, schipper van de besaenjacht van de admiraliteyt,
om uit zijn naam van de Admiraliteyt de schade vergoed te krijgen die hij geleden heeft door de brand op het schip de Drie Coningen onder schipper Pieter Corssen Hort in dienst van de signorie van Venetien.
Tevens legateert hij Maritgen Aryensdr Vosch de te ontvangen schadevergoeding en enkele kleren.

- (5-12-1619) Op verzoek van:
Pieter Bierthouck, chirurgijn op het schip De Lieffde wordt verklaard door Sebastiaen Pietersz, 26 jaar, schipper, Cornelis Aryensz Duymoff, 28 jaar, hoochbootsman van Dordrecht en Jacob Michielsz, 34 jaar, bottelier alle drie opvarenden van de Drie Coningen onder Pieter Corss Hort, capiteyn en dat vergaan is, dat de schepelingen Laurens van Valckenburch, adelborst, Jan Davidtsz Swart, corporaal, Thomas Jansz, hoochbootsmansmaet en Thonis Jacobsz van het in de Golf van VenetiŽ vergane schip de Drie Coningen met ernstige brandwonden door de chirurgijn Pieter Bierthouck uitstekend behandeld zijn.

- (9-12-1619) Op verzoek van:
Jan Schilders te Dordrecht wordt verklaard door Abraham van Nerven, coopman dat Jan Schilders en zijn halfzuster Lysbet Pietersdr elkaar verschillende malen getroffen hebben in het proces tegen wijlen zijn stiefvader, genaamd Pieter Aelbrechtsz, vader van Lysbeth Pieters.

- (11-12-1619)Cornelis Heynricksz van Slingelant
als zoon en uit naam van Meynsgen Philipsdr, houtcoopster, Dordrecht,
machtigt
Jan Lenertsz Schouten, procureur,
om hen in rechte te vertegenwoordigen in hun zaak tegen Henrick Lourens, goutsmit inzake een rentebrief verleden door Huybert Gerritsz Das ten behoeve van Philip Heynricksz van Slingelant.

- (12-12-1619) Cornelis Adryaensz Duymoff, j.m. hoogbootsman, Dordrecht,
machtigt zijn vader Aryen Aryensz Duymoff,
en
Theunis Jansz van der Vecht,
om zijn gage te innen die hij verdiend heeft op het schip de Drie Coningen onder capiteyn Pieter Corssen Hort in dienst van de Signorie van Venetien.

- (12-12-1619) Joost Jacobsz, j.g. marsclimmer, Dordrecht,
machtigt
Jacob Machielsz, gewezen bottelier,
om te innen zijn gage verdiend op het schip de Drie Coningen onder wijlen capiteyn Pieter Corsse Hort, in dienst van de signorie van Venetien.

- (17-12-1619) Inhoud Op verzoek van: Jan Pietersz Hort, lieutenant wordt verklaard door Sebastiaen Pietersz, 26 jaar, schipper, wonende te Dordrecht, beiden gevaren hebbend op het schip de Drie Coningen onder capiteyn Pieter Corss Hort, dat hij in Augustus 1619 met Jan Pietersz Hort en zijn broer Maerten Pietersz Hort en Cornelis Adryaensz Duymoff met het schip genaamd de Spiegel met capiteyn Jan Jansz van der Linde zijn gearriveerd in Calimotte gelegen in Slavonien. Dat zij over land naar Holland zijn teruggekeerd via Arragousa, overgevaren naar Barlette, en verder via Parma en Boulagna, waar een van de broers ziek werd.

- (25-12-1619) Op verzoek van:
Heynrick Cornelisz Denijs, schipper van Amsterdam wordt verklaard door Jan Pietersz, 25 jaar, geweest luitenant, Niclaes van Haerlem, 40 jaar, schrijver van Dordrecht, Jacob Andriesz de Moff, 54 jaar, constapel, Claes Symonsz Suyrbier, 44 jaar, timmerman en Heynrick Jansz, 44 jaar, bottelier, allen schepelingen geweest op het schip de Drie Coningen in dienst van Venetien onder capiteyn Pieter Corss Hort.
Dat zij met het schip Maas zijn uitgevaren in mei 1618 op St. Jansdag en met de hele vloot gearriveerd zijn omstreeks Gibraltar waar zij met een groote Spaanse armada hebben slag geleverd.
Dat in juni daar aan volgend in de Golf van VenetiŽ door een aanvaring met de Pauw van Amsterdam het hele achterschip van de Drie Coningen is weggeslagen.
Dat op 13.07.1619 zeilende tussen Pola en Lysena order is gegeven naar Istrie te zeilen.
Jan Pietersz verklaarde dat door de dood van capitein Pieter Corsz Hort de schipper Heynrick Cornelisz Denijs het bevel heeft overgenomen.
De Moff tekent in een oostelijk handschrift met Jacop Andressenn de Muff.

- (2-1-1620) Op verzoek van:
Baertgen Jansdr, weduwe van Pieter Corsz Hort wordt verklaard door Leuntgen Jansdr, 42 jaar, vrouw van Sarvaes Jansz, vaerendeman en Barbara Pauwelsdr, 46 jaar, vrouw van Jan Jansz, hoornbreker dat Jaepge Corsendr, de vrouw van Frans Maertensz te Dordrecht, zwager van voorn. Baertgen, heeft beweerd dat zij 700 gulden van haar broer Pieter Corsz Hort in bewaring had, die zijn zoon Maerten Pietersz Hort als pillegift had gekregen.

- (11-1-1620) Op verzoek van:
Baertgen Jansdr, weduwe van Pieter Corsz Hort wordt verklaard door Niclaes van Haerlem, 40 jaar, schrijver van Dordrecht en Heynrick Jansz, 42 jaar, bottelier, beiden op het schip de Drie Coningen onder capiteyn Pieter Corsz Hort, dat zij in mei 1618 zijn uitgezeild naar Vaelmuyen in Engeland en onderweg een grote partij slecht gebakken brood overboord hebben gegooid.

- (27-1-1620) Op verzoek van:
Andries Huybertsz Coopmans, bode van Dordrecht op Haerlem wordt verklaard door Jan Gravelle, 41 jaar, adelborst dat hij bottelier is geweest in het leger van Jan Ernst van Nassau dat voor Rees in het land van Cleef lag, waar hij met hofmeester Vaendrager en mr. Moyses Veltscheerder wijn is gaan proeven in de stad Rees, die wegens slechte kwaliteit niet is ingekocht.

- (29-1-1620) Op verzoek van:
Niclaes van Haerlem, schrijver van Dordrecht wordt verklaard door Jan Pietersz Hort, 24 jaar geweest lieutenant op de Drie Coningen en Jacob Michielsz, 33 jaar, eerst kwartiermeester, later bottelier, alle drie opvarenden op het schip de Drie Coningen onder capiteyn Pieter Corss Hort dat zij een geschrift hebben gezien waarin admiraal Kerkhoven en Pieter Corss Hort aan Niclaes van Haerlem 30 car geld per maand beloofden. volgende akte is: akte 124, blz. 292 datum: 29.01.1620
Op verzoek van:
Jan Dircksz Blanckert, droochscheerder wordt verklaard door Leunis Jansz de Heus, 48 jaar, droochscheerder dat hij veertig dagen na vastenavond 1619 is gekomen ten huize van Jacob de Wael, droochscheerder, wonende in de Halve Maensteeg waar hij Cornelis Ravens, droochscheerder in de winkel van Hans Theunisz in de Oppert ontmoette. Daar hoorde hij dat van Jan Dircks Blanckert geld en sieraden waren gestolen.

- (8-2-1620) Jan Anthonisz, bosschieter, Dordrecht,
benoemt tot erfgename zijn vrouw Lysbeth Jansdr.
Hij vertrekt met een jacht onder capiteyn Jan Cornelisz Kunst naar Oost-Indien.

- (8-2-1620) Jan Anthonisz, bosschieter, Dordrecht,
machtigt zijn vrouw Elysabeth Jansdr, Dordrecht,
om zijn zaken te behartigen gedurende zijn dienst op het Jacht onder schipper Jan Cornelisz Kunst, dat in Delfshaven, op zijn vertrek ligt naar Oost-Indien.

- (10-2-1620) Henrick Henricxz van Dort, soldaat
Aertgen Henricxdr zijn zuster, vrouw van Jan Jansz van Utrecht
NN Eck capiteyn
de Duyvel van Delff
Oost-Indie
Sluis in Vlaenderen
Schenking en testament in verband met voorgenomen vertrek naar Oost-Indie.

- (25-2-1620) Johan Abercrome, edelman onder de compagnie van Cornel Brock, oud 34 jaar,
verklaart op verzoek van Alexander Hamelton, Schots edelman in de compagnie van ritmeester Wittsert dat
Abercrome heden uit Schotland gekomen is met een schip dat afgemeerd is in Dordrecht.

- (20-3-1620) Jan Jansz Verveer, marcktschuytvoerder op Dordrecht wonende op het Steyger
verklaart te hebben betaald en voorgeschoten voor zijn overleden dochter Maritgen Jansdr een bedrag van 338 gulden, welk bedrag in geval van zijn overlijden eerst moet worden terugbetaald voordat haar kinderen iets uit zijn nalatenschap zullen mogen vorderen van de kinderen van zijn -eveneens overleden- tweede dochter Aeltgen Jansdr .
Tevens vermaakt hij een bijbel aan zijn huisgenote Neeltgen Joostensdr.

- (25-3-1620) Aeltgen Jansdr, weduwe van Jan Jansz Verveer schuytvoerder op Dordrecht wonende op het Steyger
benoemt tot haar universeel erfgename haar nicht Neeltgen Joostendr, met een legaat aan haar zuster Gryetgen Jansdr, vrouw van
Pieter Pietersz, hordebreyer en aan haar zuster Hilleken Jansdr, weduwe van Maerten Jansz, lijndrayer, wonende te Dordrecht en aan de huysarmen te Dordrecht en aan het weeshuys te Dordrecht

- (27-3-1620 of 1623) Adriaantje Jorisse, laatst weduwe van Rut Anthonisse, daarvoor weduwe van Evert Adriaanse Heythoen,
verklaart
dat haar schoonvader Adrianus Heythoen, in 1611 overleden, in 1575 huwde met Cornelia Herbrechtse of Herberts, die in 1580 overleed,
bij zijn huwelijk goederen ter waarde van 14.293 gulden inbracht, die door zijn broer meester Adriaan Heythoen, advocaat, zijn verkocht met inbegrip van de vroonlanden die haar vanwege
Elisabeth Adriaanse van Kleyenburch, grootmoeder van haar schoonvader,
waren toegekomen en die werden gekocht door Job Pieterse Duym en Cornelis Hoflanden.
Evert Adriaanse Heythoen verdronk in 1616 op zee, haar met drie kinderen achterlatend.
In 1617 huwde zij opnieuw met Rut Anthonisse uit Lekkerkerk, die haar een dochtertje schonk.
Zij deed afstand van haar drie eerste kinderen, bevoogd door Pieter Hendrikse Molenaar en IJsbrant Gerritse.
Thans machtigt zij Aart Hermanse Wor te Dordrecht
om haar eertijds verkochte bezit te naasten en opnieuw te verkopen, zowel de vroonlanden als de ambachtsheerlijkheid Sint Lisbetspolder in de omloop van Dirksland, die in 1537 zijn verkocht door Elizabet van Kleyenburg, een tante van haar schoonvader
Adriaan Heythoen, aan ene Jacob Willemsz.

- (25-4-1620) Jan Leendertsz, scheepstimmerman,
Symon Aryensz, haringcoopper te Delffsehaven,
en
Trijntgen Centen, bejaerde jongedochter,
beloven
Frans Cornelisz, schipper, wonende te Eemden,
te vrijwaren van alle vorderingen uit hoofde van een custingbrief groot 387 gulden en 10 stuivers, door Frans Cornelisz ten behoeve van comparanten gepasseerd te Eemden, terzake van de koop van een huis, gelegen op de Volder te Eemden,
en aan comparanten nagelaten door wijlen Jan Sebastiaensz, schipper, overleden te Eemden.
Comparanten handelen voor zichzelf en tevens namens ondergenoemde personen. Jan Leendertsz namens Andries Willemsz man van zijn zuster Weyntgen Leendertsdr en namens zijn broer Symon Leendertsz wonende te Delffsehaven en ook nog als voogd over de kinderen van zijn overleden zuster Annitgen Leendertsdr. Symon Aryensz handelt mede namens Isaac de Riemer, caescoopper, man van zijn zuster Neeltgen Aryensdr, ook namens Pieter Adryaensz, coorncoopper, man van zijn zuster Maritgen Aryensdr, en namens Jacob Adryaensz, coorncoopper, man van zijn zuster Trijntgen Aryensdr en tenslotte nog als voogd
over de kinderen van zijn overleden broer Jan Aryensz en van zijn overleden zuster Annetgen Aryensdr. Trijntgen Centen handelt mede namens Pieter Symonsz, maeckelaer te Dordrecht, man van haar meutgen Jannitgen Sebastiaensdr, en namens Annitgen Gerritsdr, weduwe van Giellis Gerritsz, wonende te Delffsehaven, en tevens namens haar moeder Neeltgen Sebastiaensdr, wonende te Delffsehaven.

- (5-05-1620) Cornelis Willemsz Tack wijnverlater draagt zijn deel in de erfenis van zijn tante Truytgen Jansdr aan haar man Wouter Govertsz, schepen in Laege Swaluwe, volgens een akkoord dat hij met Cornelis Jansz van Breda coopman van greynen te Dordrecht, die handelende namens Wouter Govertsz heeft, aangegaan.

- (25-5-1620) Inhoud
Cornelis Aelbrechtsz Keyser, koeckebacker, tekent beroep aan tegen een vonnis, dd. 18.05.1620, tegen hem gewezen ten gunste van Gijsbert van Nas, coopman te Dordrecht, als eiser, en verzoekt dit ter kennis te brengen van eiser en diens procureur Jan Leendertsz Schouten.

- (26-5-1620) Wouter Gerrits Bonger, stoeldraaier, Pannecouckstraet, heeft een som geld geleend aan, en heeft zich borg gesteld voor
Adriaen Adriaens van der Meer, zijn zwager ten behoeve van Pieter Euwouts, brouwer in de Buys,
betreft geldlening en borgstelling ten aanzien van de koop van hout te Dordrecht, en een partij wesels hout, voor het maken van de toren te Moordrecht. Hij bepaalt nu dat van der Meer deze schulden aan zijn erfgenamen zal moeten terugbetalen.

- (6-6-1620) Op verzoek van Gerrit Fransz van Bouckelwaert, Dordrecht, wordt een verklaring afgelegd door:
Symon Goverts Rijswijk, pachter en collecteur, van de impost van de bieren, betreffende het collecteren van de lopende pacht van de bieren.

- (10-6-1620) Aeltgen Jansdr, vrouw van Jan Jansz Verveer, marcktschuytvoerder op Dordrecht, wonende op het Steyger
legateert aantal met name genoemde goederen en geldbedragen aan:
haar nicht: Neeltgen Joostendr,
haar zuster: Hilleken Jansdr,
haar neef: Pieter Pietersz, zoon van haar zuster
Gryetgen Jansdr, haar nicht
Anneken Maertensdr, haar zuster
Gryetgen Jansdr, voorts een bedrag van elk 50 gulden aan het Weeshuys, te Rotterdam en het Weeshuys, te Dordrecht
Onder herroeping van het testament door haar en haar man gemaakt t.o.v. Matheus Blom, notaris op 16.11.1617

- (25-6-1620) Jaeckemijntgen de Vogel weduwe van Jan van Dordt, timmerman Middelburch,
mede namens haar broers
Arnout de Vogel, diamantsnijder te Antwerpen, en
Jan de Vogel op reis naar Oost Indie,
allen erfgenamen van hun halfbroer Lodewijck de Vogel,
machtigt
Jan Claesz, houtcooper en schipper, Hoorn,
om van Gillis Pietersz, boekvercooper een bedrag van 600 gulden te innen.

- (30-6-1620) Op verzoek van:
Joris Waerdt, adelborst onder colonel Oogle wordt verklaard door Cornelis IJsbrandtsz, 70 jaar, vijselmaecker dat Joris Waerdt sinds zijn aankomst hier in de stad bij hem heeft gelogeerd en nog logeert.
Volgende akte is 148, blz. 357 (datum: 05.07.1620)
Op verzoek van:
Merritgen Isbrandtsdr Halling wordt verklaard door Cornelis Segersz, 40 jaar, beenhacker en Jacob Crijnsz Maeger, 34 jaar dat hen bekend is dat Merritgen IJsbrandtsdr Halling en Franchois Bosselaer uit Dordrecht tien morgen land bezitten gelegen tussen het land van Voys, en Pieter en Willem Jansz ongeveer bij het huis van Melissanten aan de Oudendijk buiten de stad en dat zij dat al vier of vijf jaar geleden in huur hebben gekregen voor de tijd van zeven jaar.

- (2-7-1620) Op verzoek van Neeltgen Aryens van der Plasch, weduwe van Jan Jansz van der Linde, als last hebbende van
Metgen Henricx, weduwe van Jacob Jochims, adelborst en schrijver, wordt een verklaring afgelegd
door Nicolaes van Haerlem, 40 jr., schrijver, Dordrecht,
dat Jacob Jochims een obligatie vermaakt heeft aan Melchior van der Kerckhove, admirael, die ten laste stond van
Johan van Achthoven, capiteyn, en
Johan de Roy, capiteyn, Sant Marco
oorlogsschip  / Republyque van Venetia,
verklaring dat het legaat aan de admiraal bedoeld is om aan de erfgenamen te worden uitbetaald.

- (6-8-1620) Philibert Vernatt, j.g., ridder in de orde van St. Marco, geassisteerd door zijn vader Gabriel Vernatt te
Delff; zijn broeder Johan Vernatt, coopman te Amsterdam,
Johan Bom van Cranenborch, brouwer te, Dordrecht,
Jacob Bom van Cranenborch, raet der stat, Utrecht,
Cornelis Bom van Cranenborch en Peter Bom van Cranenborch,
sluit een contract van huwelijkse voorwaarden met Genevive van der Meyde, j.d. geassisteerd door haar broer Peter van der Meyde, haar zuster Erckgen van der Meyde, haar neven
Appolonius Schot, raetsheer in de Hoogen Raede in Hollant,
Abraham Duyffhuysen,
Jacob Duyffhuysen en
Ghijsbrecht Duyffhuysen.

- (18-8-1620) Rut Thonisz man van Adriaentghen Jorisdr, weduwe van Evert Ariense Heythoven, kuyper bevestigt de uitkoop van haar drie kinderen die zij drie jaar daarvoor voor weesmeesters heeft gepasseerd.
In de akte worden verder genoemd Adriaen Heythoven, vader van Evert,
Aert Hermense te Dordrecht, Cornelys Pieterse en Laurens Bastiaensz te Dirckxland, Jacob Willemsz.
Everts grootmoeder was Elysabeth Adriaensdr van Kleyenborch.
Ook genoemd: Cornelis van Kleyenburch.
Gepasseerd ten huize van Abraham Boeckbinders wonende in de Vergulde Poort te Rotterdam.

- (28-8-1620) Jasper Jansz Mol
Gerrit Gerritsz, backer
Gerrit Rutgersz, Dordrecht
Overdracht van te ontvangen uit erfenis wegens uitstaande schulden.

- (14-10-1620) Jacob Sthevensz, adelborst op het jacht van de Prins, mede namens Cornelis Sthevensz, zijn broer, wonende in Sliericht, Thijs Pleunnisz, als man en voogd van comparants zuster Merritgen Sthevensdr, wonende te Maeslantsluys, Pieter Heynricksz, zoon van wijlen Jaepgen Sthevensdr, wonende te Maessluys, mede als oom en voogd van comparants neve en nichte Jan Heynricksz en Annitgen Heynricksdr, zoon resp. dochter van Jaepgen Stevensdr, verklaart dat hij, samen met bovengenoemden, erfgenaam is in de nalatenschap van zijn vader Stheven Jacobsz, gewoond hebbend in Oost- Barendrecht en getrouwd geweest met comparants stiefmoeder Merritgen Jansdr.
Laatstgenoemde is tot op heden, ondanks herhaalde verzoeken, in gebreke gebleven om comparant een inventaris van de nalatenschap van zijn vader te leveren, waardoor verdeling van de erfenis onmogelijk is.
Comparant verzoekt daarom Aryen Heynricksz Oudraedt secretaris van Oost- Barendrecht, eventueel geassisteerd door een notaris, hiertegen bij Merritgen Jansdr te protesteren.
In de nalatenschap valt o.m. het huis waarin Merritgen Jansdr nu woont, gelegen in Oost- Barendrecht, en elf morgen huyrlandt in Heerjansdam en de Hooge Nes, ter waarde van 2100 gulden, waarover nog een proces loopt in Dordrecht.

- (15-11-1620) Jan Jansz Verveer
Aeltgen Jansdr, marcktschuytvoerder op Dordrecht, gehuwd met
onder bevestiging van zijn huw. voorwaarden, verleden voor een notaris te Dordrecht, vermaakt hij aan
Neeltgen Joostensdr, zijn dienstmaecht, een bedrag van 100 gulden plus een bijbel en een testament

- (15-11-1620) Op verzoek van:
De gemeene bierbrouwers van Dordrecht wordt verklaard door Jan van Gorcum, 40 jaar, hoofdman van de bierdragers, en Huybert Jansz, 38 jaar, hoofdman van de bierdragers dat alle bierdragers onder ede staan om de biljetten van het vervoerde bier ongeldig te maken.

- (12-12-1620) Op verzoek van:
Dirck Paes, wijncooper wordt verklaard door Pietertgen Gerritsdr, 50 jaar, vrouw van Harmen Jelmersz, varendeman dat enige tijd geleden Jannetgen Thonisdr bij haar een kamer heeft gehuurd en dat zij eerder bij Lange Trijn tegenover het Boschhuis gewoond had.
Zij heeft haar verteld dat zij zwanger was van Nicolaes van Haerlem wonende te Dordrecht en dus niet van Dirck Paes.

- (19-1-1621) Op verzoek van Lenert Dircxs, Ouden Dijck in Cralingen,
wordt een verklaring afgelegd door:
Cornelis Pietersz van der Licht, secretaris van Cralingen,
Willem Jansz, schepen Cralingen,
Pieter Pontiaens, schepen Cralingen, dat een stuk land is overgedragen aan Aryen Claesz, en genoemde Lenert Dircxs, door
Franchoys Borsselaer, boekdrukker te Dordrecht,
betreffende het passeren van twee opdrachtbrieven van een stuk land.

- (21-1-1621) Cornelis Centen, schipper, wonende te Dordrecht,
bevestigt schuldig te zijn aan
Pieter Barckhout, houtcoopper te Hoorn,
de somme van 110 gulden, zijnde het restant van een vordering wegens geleverd hout.
Comparant verklaart voorts dat Barckhout dit bedrag door zijn gemachtigde N.N. Luyckhough te Dordrecht,
kan doen incasseren van Thomas Pietersz, commissaris te Dordrecht, op wie comparant een vordering heeft voor een groter bedrag

- (3-3-1621) Aeltgen Jacobse, weduwe van Simon Pieterse van der Boem,
verklaart dat zij aan Arien Hermense, houtkoper te Dordrecht,
62 gulden voor haar dochter Sybrechtje Simonse heeft voorgeschoten, die haar man Pieter Cornelisz van Dijck, na terugkeer uit Oost-Indien heeft terugbetaald.

- (10-3-1621) Duarte ende Gasper Fernandusz Vega, coopman
machtigt
Paulus Isaacqxz
N.N. Court, coopman, Middelburch
Cornelis Cornelisz, wonende te Sale, afkomstig van Dordrecht
Bon Avontura
wijlen Jacob Paulusz, Lisbona
machtiging om betaling te eisen van 16 tonnen 1aring gelost uit de Bon Avontura op de rede van Sale

- (12-3-1621) Op verzoek van Henrick Jans, schipper op Emrick, als gemachtigde van Horst, luytenant, gelegen te Emrick, wordt een verklaring afgelegd door:
Willem Rochus Onbescheyen, 66 jr., schryenwercker en
Abraham van Wilderen, 25 jr., backer, contra
Dirck Pieters van Doren, soldaat en
Tanneken van Doren zijn moeder, Dordrecht,
Frans Lieseman, Emrick
verklaring omtrent afbetaling van geleend geld

- (18-03-1621) Gerrit Claesz, j.g. bootsgesel Dordrecht,
benoemt tot erfgenamen zijn ouders Nicolaes Pietersz en zijn vrouw Margareta de Broeyer.
Hij staat op zijn vertrek met het schip de Gouwe Leeuw naar Oost-Indien.

- (18-3-1621) Gerrit Claesz, j.g. bootsgesel, Dordrecht,
machtigt zijn ouders Niclaes Pietersz, en Margareta de Broeyer, Dordrecht,
om tijdens zijn reis op het schip de Goude Leeuw op reis naar Oost-Indie de helft van zijn gage te innen.

- (20-3-1621) Jan Jansz, bootsgesel, Dordrecht,
machtigt zijn moeder Pleuntgen Aelbertsdr, om gedurende zijn reis naar Oost-Indie met de Gouwe Leeuw drie maanden van zijn verdiende gage te innen

- (22-3-1621) Samuel van der Leyden, Franchoys schoolmeester, Ouderschie, belooft schadeloosstelling aan
Jacob van Santvliet, schoemaker, Dordrecht, van een hypotheekbrief op twee huizen van
Cornelis den Duyts, en verzekerd op het huis, nu gekocht door
Harmen Henricx, bouckdrucker, genaamd Rooster, den Nyeustraet, Baenstraet, Lange Lijnstraet, betreft schadeloosstelling inzake tekort op rentebrief aangaande hypotheek op huizen en erf. /  Vrouwenhuys.

- (29-3-1621) Jacob van Santvliet, schoenmaecker, Dordrecht, machtigt
Jan Jans, cuyper,
om gifte en eigendom te ontvangen van twee huizen en erven in de Baenstraet en de Lange Lijnstraet, die onlangs bij executie zijn verkocht door het gerecht van Rotterdam.

- (30-3-1621) Wouter Claesse van Dort, egwercker,
vertrekt naar Oost-IndiŽ op het schip de Gulden Leeuwe.
Hij benoemt tot zijn erfgenaam Dirck Cornelisse, coperslager te Dordrecht of diens zoon Jan Dirckse in zijn plaats.

- (31-3-1621) Laurens Pietersz, cleermaecker, wonende te Antwerpen,
verklaart dat
Jacob Fransz, grootwerckermaecker,
gekocht heeft van Daniel de Meyere, wonende te Antwerpen,
die machtiging had van comparant, een huis en erf tussen Tol en Wijnbrugge bij de Marckt te Dordrecht,
comparant toegevallen door overlijden van Neeltgen Floren, zijn nicht, wonende te Dordrecht, voor een bedrag van 1.630 carolusgulden

- (31-3-1621) Jacob Fransz, grootwerckmaecker, machtigt zijn vrouw Merritgen Cornelisdr,
om in zijn naam een huis en erf te verkopen, gelegen tussen Wijnbrugge en Tolbrugge te Dordrecht genaamd BRUYSSEL en nog een half huis hem toegevallen door overlijden van Neeltgen Floren zijn tante, te Dordrecht, het andere deel waarvan hij gekocht heeft van Daniel de Meyere die machtiging had van Laurens Pietersz, cleermaecker te Antwerpen en van Franssoys Pietersz wonende te Antwerpen.

- (14-4-1621) Christoffel Willemsz, coopman te Dordrecht overhandigt een verzegeld pakje, inhoudend 21 spaanse pistoletten, en verklaart dit te hebben ontvangen van Jacob van Ackerlaeck, coopman, ter voldoening van een wisselbrief groot 537 gulden, gedateerd te Saumeurs 26.02.1621 en ondertekend door Conrat Ritter.
Comparant is niet bereid deze pistoletten als betaling van de wisselbrief te accepteren omdat de toegepaste omrekeningskoers in strijd is met de plakkaten.
Hij verzoekt de notaris het bewuste pakje aan Jacob van Ackerlaeck terug te geven en betaling van de wisselbrief in goed geld te verlangen, onder protest voor de ontstane kosten.
De notaris spreekt met N.N. van Heyl, vrouw van Jacob van Ackerlaeck.
Comparant tekent als Christoffel Willemsen van Liesvelt.

- (26-6-1621) Matheus Jorys, vaerende man, buiten Oude Schiedamse Poort aan de Leuvehaeven,
Aryaentge Jacobsdr, weduwe van Jan Jorys, wonende buiten de Oude Schiedamse Poort, beiden erfgenamen van hun (schoon)moeder Neeltgen Joppen, overleden te Dordrecht, zij was een dochter van Jop Kuyp, varende man, man van Ermpgen NN, zij was laatst getrouwd met Karel NN, Schotsman, herbergyer te Dordrecht, beide overleden te Dordrecht, machtigen
Corstiaen Claes, capiteyn van de Jachten te Dordrecht uitvarende,
om met hun mede-erfgenaam Ruth Thonis, vrouw van Aryaentge Jorys
hun deel van een uitkoopbrief te innen, verzekerd op een huis, dat wordt belend door
Keesge Mijnheer,
Jan Gerrits, schipper,
Torenstraetgen te Dordrecht / Nyeuwe Kerckhoff, Dordrecht.

- (6-7-1621) Rut Anthonissen, machtigt zijn vrouw Ariaantgen Jorisdr
om het gedeelte te innen van haar oom Cristiaen Claesz capiteyn wonende te Dordrecht,
van het verkochte huis dat in de Thorenstraet te Dordrecht staat,
belend door Jan Gerritsz schipper
en Kornelis Mijnheer.
Het huis is haar nagelaten door haar grootvader Job Kuipen en zijn vrouw Hermantgen NN.

- (23-7-1621) Charles de la Ruyelle
Walterus le Vesyve zijn neef, Dordrecht
de cleinen appelaer  / Finaert
Jan Joosten Gruyters
Jan Aertsz Buys
Opdracht en machtiging om verzet aan te tekenen tegen verkoop van vruchten te velde tenzij borg gesteld wordt.

- (30-7-1621) Ritsardt Wardell of Waerdel 27 jr, Engelsman, soldaet
onder de compagnie van collonel Ogal, verklaart op verzoek van
Willem de Haert wonende te Dordrecht,
dat 4 jaar geleden, hij Ritsardt met Willem bij Hendrick Verbeeck sijdelakenvercooper te Utrecht in zijn winkel bij de Backersbrugge was.
Daar waren ook aanwezig Ritsardt Choke met zijn vrouw, die in Utrecht woonden.
Zij kochten stoffen van Verbeeck maar hij Ritsardt Wardell kan zich niet herinneren dat aan Willem verzocht werd zich borg voor
hen te stellen.

- (3-8-1621) Adriaen Lenaertsz 36 jr., stierman, Brielle, Bon Avontuera
Jacob Paulusz, Lisbona, den Beer, Handelaer
Cornelis Cornelisz Oly, van Dordrecht
Jan Jansz, turcx zeerover, afkomstig van Haerlem
Peter Courten, Middelburch, Port a Port Vianen Salle Barbarije
Verslag van de plundering van het schip Bonaventura eerst door Jan Jans van Haerlem, vervolgens door Cornelis Cornelisz Oly van Dordrecht.

- (6-8-1621) Jop Pieters, scheepmaker, buiten 't Hoffpoortgen, stelt zich borg voor
Cornelis Pieters, schuytevoerder in Schiebrouck, voor de betaling van schulden aan
Cornelis Henricx van Slingelandt, houtcooper, Dordrecht, in naam van diens moeder
Meynsge Philips.
Rotterdamse Kermis.

- (14-8-1621) Vasser Anthonisz met zijn vrouw Catharina Willemsdr, wonende in de Kipstraet.
Comparant Vasser benoemt tot zijn universele erfgenaam zijn vrouw de voornoemde Catharina.
Zij benoemt haar kinderen uit het huwelijk met voorn. Vasser tot haar universele erfgenamen.
Tot voogden over de kinderen worden benoemd de halfbroer van comparant t.w. Cornelis Harbersz van der Mey, Dordrecht,
alsmede de zwager van voorn. Catharina
Nicolaes Puyck, burgemeester.
De weeskamer wordt uitgesloten van bemoeienis.

- (4-9-1621) Adriaen Cornelisz weduwnaar, besemmaecker, Dordrecht
Neeltgen Petersdr weduwe
geassisteerd door Claes Maertensz, waert in 't Goude Laecken

- (7-9-1621) Joannes Bontius, raedt en medicijn ordinaris
machtigt
Franchoys de Witte, procureur
Pieter Willems Schepers, procureur, Dordrecht

Opdracht om hem voor alle gerechtshoven, speciaal die van Brielle en Abbenbrouck in alle zaken te vertegenwoordigen
153
In de kantlijn is vermeld dat deze procuratie door de volgende (nr. 51) is vervangen.

- (8-9-1621) Johannes Bontius, raedt en medicijn ordinaris
machtigt
Franchois de Witte, procureur
Pieter Willemsz Schepers, procureur, Dordrecht
Gerrit Arentsz Meeuwesteyn, procureur, Brielle
Pauwels Meeuwesteyn, procureur, Brielle
Opdracht tot vertegenwoordiging voor den Hove van Holland en voor de gerechten van Brielle en Abbenbrouck in een proces tegen de erfgenamen en de weduwe van Gerrit Camillijn of Camerlijn

- (10-9-1621) Aeltgen Jansdr of Aechtgen Jansdr, weduwe van Jan Jansz Verveer, schuitvoerder op Dordrecht
en haar man Adriaen Eeuwoutsz de Lange, weduwnaar van Aeltgen Jans, coorncooper, Steyger
mede namens
Joris Vrancken Crooswijk
Ghijsbert Cornelisz Elsenwael
als voogden over de weeskinderen van Maritgen Jansdr en Claes Vrancken Crooswijck
machtigen
Sebastiaen van der Putte, procureur
opdracht om het gerechte deel van een erfenis op te eisen

- (23-9-1621) Abraham Adamsz, j.g., scheepstimmerman, geboren te Dordrecht,
machtigt
Annitgen Jansdr zijn moeder, wonende te Dordrecht,
om van de bewindhebberen van de Oost Indische Compagnie jaarlijks vier maanden gage te innen, te verdienen op zijn voorgenomen reis naar Oost Indie; het schip waarmee hij zal varen ligt nu nog in 't Goereese gat.

- (3-10-1621) Jan Govertsz van Beaumont
Adriana van Bladigem, Raet in 't Collegie ter Admiraliteyt
Tielman van Beaumont zijn zoon
Cornelis Govertsz van Beaumont zijn broer
Simon Govertsz van Beaumont zijn broer
Baerthout van Slingelant zijn zwager
Hendrick van Bladigem zijn zwager
zijn zwager
allen te Dordrecht
testament met aanwijzing van voogden

- (3-10-1621) Jan Govertsz van Beaumont, raet in het Collegie ter Admiraliteyt
benoemt tot erfgenamen zijn vrouw, Adriana van Bladigem en zijn kinderen, onder wie
Tielman van Beaumont
Als voogden worden door hem benoemd zijn broer Simon Govertsz van Beaumont, alsmede zijn zwagers
Baerthout van Slingelant, en
Henrick van Bladigen
De weeskamers van Rotterdam en Dordrecht worden van bemoeienis uitgesloten. De 7000 gld die hij heeft geerfd van van zijn broer Cornelis Govertsz van Beaumont zullen dadelijk naar zijn kinderen gaan

- (22-10-1621) Michiel van der Beeck, bontwerker, oud vijftig jaar, wonende te Dordrecht, en Phillips Rentier, bontwerker verklaren op verzoek van Jan Dircksz van Langerack, bontwerker wonende in Amsterdam, dat zij een paar jaar geleden met Van Langerak en ene Abraham Andriesz bontwerker in Roaen in Frankrijk ten huize van Phillips Rentier tezamen waren en dat Van Langerack zich beklaagde bij Abraham Andriesz over zijn neef Symon Andriesz, zoon van zijn broer Hans Andriesz, die geld had geleend en niet terugbetaald.

- (9-11-1621) Michiel van der Beeck, peltier, oud 50 jaar en wonende in Dordrecht en Heynrick Daems, peltier, oud 34 jaar en wonende te Leyden, leggen op verzoek van Ruth van Luyt wonend in Nuenen in de Meyerij van Den Bosch een verklaring af omtrent de kwaliteit van een ton rode vellen die van Luyt had gekocht van Corstyaen Leynclaer in Ceulen, en welke vellen onverkoopbaar waren op de Rotterdamse Leermarkt

- (16-11-1621) Jan Harmansz Schout, Dordrecht
sluit een contract van huw. voorwaarden met Annetgen Fransdr Langgediert

- (17-12-1621) Jan Heynricksz, vlascoopper afkomstig van Leyden,
stelt zich borg voor Meeus Thyman te Leyden,
om aan Folkert Krom te Dordrecht,
datgene te voldoen wat Jan Leendertsz Schouten,
voor genoemde Folckert Crom moet incasseren volgens vonnis van het Hof van Holland d.d. 30.11.1621.

- (28-1-1622) Pieter van Bossuw of Bossu coopman,
machtigt
Ghijsbrecht Nicolaesz de Rijsert wonende te Dordrecht,
om voor hem gelden in ontvangst te nemen van Uldrick Lupoldts schout van Strien.

- (5-3-1622) Symon Ockersen Pesser, handelend namens Thomas Willemsz de Wit, wonend te Dordrecht, verzoekt notaris van Aller van Pieter van Hemelcourt, sijdenlaeckencoopper, wonend op de Hoochstraet, betaling te verlangen van een wisselbrief, gedateerd Londen 23.12.1621, groot 30 ponden sterling van 34 schellingen Vlaems het pond, ondertekend door Thomas Stalpaert, resp. Salomon Deschamps.

- (16-3-1622) Daniel de Raedt, coopman oud 40 jaar wonende in Vaelmuyden in Engeland verklaart op verzoek van Anthoni Jansz, herbergier aan de Delfsepoort dat ten huize van Antoni Jansz ene Cornelis van Cleeff van Leyden was gelogeerd die zich verhuurd had als bootsgesel te varen onder capiteyn Leendert Fransz.
Daar logeerde ook ene Harmen Beaumont van Dordrecht die onlangs uit Oost-IndiŽ was teruggekeerd.
Harman Beaumont zei tegen Cornelis van Cleef dat hij hem een plaats als voorlezer kon bezorgen op een jacht dat naar Oost-IndiŽ zou vertrekken.

- (26-3-1622) Adryaen Sijbrandtsz, wonende te Ouwerkerck op te Isule,
stelt zich borg voor zijn broer Pieter Sijbrandtsz
eveneens wonende te Ouwerkerck voornoemd,
om te voldoen aan Alewijn Pietersz, ontfanger,
van de heren staten middelen over de stad Dordrecht, alle pachten die zijn broer zal beloven te betalen.

- (1-4-1622) Elisabeth Gerrebrants, weduwe van Cornelis Henricxsz Schellinger, en
Maritgen Jacobsdr, weduwe van Claes Pietersz, coster te Rotterdam, nu wonende te Dordrecht geassisteerd door
Abraham Adriaensz
als erfgenamen van Jacob Claess Bommel
machtigen
Cornelis van Hijselendoorn, procureur
in hun zaak tegen Willem Goverts, man van Catharina van der Elst, weduwe van Jacob Claesz Bosboom, Bommel.

- (11-4-1622) Dirck Pieterse, varende man
bekent 600 gld schuldig te zijn aan zijn moeder Tanneken Reyniersdr, weduwe van Pieter van Dooren, Dordrecht
Hij staat op punt van vertrek naar Oost-Indie met de Erasmus onder schipper Jan Pietersz Reus
427 / De akte is niet ondertekend en daarom doorgehaald.

- (11-4-1622) Dirck Pietersz, bosschieter
bekent 600 gld schuldig te zijn aan zijn moeder
Tanneken Reyniersdr, weduwe van Pieter van Dooren, Dordrecht
Het bedrag kan in mindering worden gebracht op zijn portie in zijn vaders erfenis. Hij staat op het punt te vertrekken naar Oost-Indie met het schip Erasmus

- (30-4-1622) Jan Christyaensz van der Heyden, j.g., wijnverlater,
benoemt onder voorwaarden tot zijn universele erfgenaam zijn moeder Theuntgen Cornelisdr, Dordrecht,
of bij eerder overlijden zijn zuster Beatris Christyaensdr van der Heyden, Dordrecht, alsmede
Christyaen Christyaensz van der Heyden, zijnde de zoon van comparants overleden broer Christyaen Christyaensz van der Heyden, Antwerpen.

- (14-5-1622) Seger Gorisz, wijnverlater, Nantes in Frankrijk,
Tilman Gorisz, cleermaecker, Dordrecht,
beiden mede namens hun minderj. broers en zusters
Heynrick Gorisz, Nimmegen,
Govert Gorisz, Nimmegen,
Abraham Gorisz, Nimmegen,
Lussia Gorisdr, Nimmegen,
Sara Gorisdr, Nimmegen, en
Willem Gorisz, Nimmegen,
allen erfgenamen van hun over-oud-tante Geertruit Putten, overleden te Venlo,
machtigen
Jacob van Croonenburch, coopman, Venlo, en
Jacob van Lom, coopman, Venlo,
om hen te vertegenwoordigen bij de verdeling van de erfenis

- (3-6-1622) Willem Cornelisz Prins, varendeman draagt over aan Meeus Maertensz de Haes een vordering van 73 gulden op Cornelis Danielsz van Rotterdam, welke 73 gulden genoemde Cornelis geŽrfd had van ene Steven Lambrechtsz uit Dordrecht en gestorven in Oost IndiŽ, welke erfenis Cornelis aan hem, Willem, overgedragen heeft bij akte, verleden voor Melchior Kerchem, notaris in Jacatra.
Tevens draagt Willem aan genoemde de Haes over een vordering van 50 gulden die wijlen Aryen Aryens bosschieter op het jacht de Jager op de Oost-Indische Compagnie, kamer Amsterdam heeft, en die Aryen Aryensz aan hem heeft vermaakt.
Verder heeft De Haes nog 142 gulden betaald aan procureur Matheeus Blom, rentmeester van het Oude Vrouwenhuys, waarvoor bij comparants huis op het Cleynne Martvelt heeft doen executeren.

- (5-6-1622) Cornelis Pietersz Holy de Jonge, wonende te Vlaerdingen,
bevestigt schuldig te zijn aan mr. Barthout van Aeckerlaecken, advocaet en licentiaet in de rechten, wonende te
Dordrecht
, een bedrag van 128 gulden en 12 stuivers.

- (27-6-1622) Jannetgen Joachimsdr, vrouw van Abraham Pietersz, backer oud 48 jaar, verklaart op verzoek van Adryaentgen Anthonisdr, vrouw van Jan Jeurefaess Reael, grofsmit en eerder weduwe van Claes Joachims, grofsmit, dat zij enige dagen na het overlijden van Claes Joachims bij zijn weduwe was, waar tevens was ene Anthoni van Gesel, ijsercoopper van Dordrecht, die van de weduwe eiste dat zij hem haar goederen zou overdragen ter betaling van de grote schulden die zij had.

- (9-7-1622) Aryen Aryensz van Ammeroyen, oud 55 jaar wonende te Dordrecht, als cocksmaet onder capiteyn Pieter Dircksz 't Lieffkint en Anthonis Symonsz van Woerden, oud 24 jaar bootsgesel onder de zelfde capiteyn, verklaren op verzoek van capiteyn 't Lieffkint dat, toen het schip voor Rees lag hij zijn arm heeft verbrand, die gecureerd is door de barbier van capiteyn Willem Willemsz; ook ene Joachim Jansz van Rybol is door dezelfde barbier gecureerd.

- (2-8-1622) Jacob Cornelisz van Alblas j.m. wonende op de Vuyelpoort te Dordrecht, die als bootsgesel ten oorlog vaart onder capiteyn Suyrbier, benoemt zijn moeder Jannetgen Joosten, weduwe van Cornelis van Alblas tot zijn enige erfgename.

- (30-8-1622) Willem Jacobsz met zijn vrouw Roockgen Simonsdr, dijckgrave van Dircksmeeslant
legaat aan
Jan Willemsz zijn natuurlijcke zoon
de weeskinderen van Jan Jansz de Jonge
Pleuntgen Cornelisdr overl.,
testatrices moeder
Evert Cornelisz Bijl
Verckensoort Dordrecht

- (19-9-1622) Abraham Adryaensz van Beemden, passamentwercker,
stelt zich borg voor zijn zwager Cornelis Aelbertsz Keyser,
ten behoeve van Cornelis Adryaensz van Beemden, pontgaerder, als volgt.
Cornelis Aelbertsz Keyser is op 18.05.1620 veroordeeld om een bedrag van 1.012 gulden te betalen aan
Gijsbrecht van Nas, coopman te Dordrecht, waarbij Cornelis Adryaensz van Beemden mede betrokken werd.
Comparant belooft Cornelis Adryaensz van Beemden schadeloos te zullen stellen voor een eventueel te lage opbrengst bij de executie van diens huis, waarop Keyser beslag heeft gelegd.

- (15-10-1622) Antonis Laurensz van Valckenburch vermaakt legaten aan
Antonis van Valckenburch, zijn zoon
Cornelia van Valckenburch, zijn dochter
codecil toegevoegd aan het testament gepasseerd voor Sebastiaen van de Graeff notaris te Dordrecht

- (21-10-1622) Trijntgen Cornelisdr weduwe van Jan Aryensz Bolckvanger, Groenendael,
benoemt tot haar universele erfgenamen
Stheven Willemsz en zijn vrouw Aeltgen Harmensdr,
zijnde haar comparants neef en nicht.
Voorts legateert zij comparante aan haar neef Stheven Cornelisz Roos te Dordrecht
de helft van haar huisraad en inboedel alsmede een bedrag van 150 gulden,
aan haar broer Cornelis Cornelisz legateert zij 50 gulden.
Voorts aan haar neef Cornelis Melissen, schoenmaecker
een bedrag van 50 gulden, nog een bedrag van 50 gulden aan Neeltgen Stevensdr, dochter van de twee eerstgenoemde erfgenamen,
alle eerder opgemaakte testamenten komen hiermede te vervallen.

- (5-11-1622) Goossen Pietersz Vijch coopman draagt over aan Gerrit Thiens coopman te Dordrecht een vordering van 427 gulden op Gerrit Schorar coopman te Middelburch wegens door Thiens aan hem geleverd coper.

- (16-12-1622) Abraham Govertsz van der Gouwe, die gevaren heeft in Oost IndiŽ op het schip Oude Delft, machtigt zijn zuster Maritgen Govertsdr, om voor hem 26 gulden in ontvangst te nemen, die Jan Luport van Dordrecht, assistent op het schip Oude Delft, achter is op de betaling van een obligatie. Het geld moet geÔnd worden bij de Oost Indische Compagnie te Middelburg.